We willen een zonnecel met superrendement

In Rome ontving natuurkundige Albert Polman vrijdag een prestigieuze energieprijs. Tussendoor hielp hij zijn dochter met haar wiskundehuiswerk. „Hoe zat ’t ook alweer met determinanten en dalparabolen?”

Albert Polman in gesprek via skype met medeprijswinnaar Harry Atwater. Foto Roger Cremers

Donderdag 7 juni

De dag begint met het werkbezoek van het CDA-Kamerlid Maarten Haverkamp aan ons instituut. Vier jonge onderzoekers houden presentaties over zonnecellen, kankeronderzoek, trillende watermoleculen en biomaterialen. In een levendige brainstormsessie bespreken we hoe we politici en beleidsmakers nog duidelijker kunnen maken dat onderzoek essentieel is voor toepassingen op de lange termijn. Het beleid richt zich erg op de korte termijn en investeert amper in de toekomst.

Daarna in Utrecht bestuursvergadering van Nanonext, het nanotechnologieconsortium van ruim honderd bedrijven en onderzoeksinstellingen. Onze programmacoördinatoren houden overtuigende presentaties hoe we onderzoeksresultaten sneller kunnen vertalen naar toepassingen. Na afloop eten aan het Domplein en tijd voor een krant.

’s Avonds generale repetitie van Vocaal Ensemble Coqu voor het concert van zaterdag. Ik ontdek dat ik nog wat noten moet studeren voor het zover is.

Vrijdag

Mijn wekelijkse werkoverleg met de promovendi van ons zonnecelteam. Piero en Claire presenteren mooie metingen aan nano-coatings. Als je zo’n coating op een zonnecel aanbrengt, wordt het licht efficiënter ingevangen en levert de zonnecel meer elektrische stroom. Jorik presenteert verrassende metingen aan het opsluiten van licht in nanodeeltjes van silicium. Daarna koffie, die drinken we iedere dag met alle medewerkers van AMOLF in de kantine.

Ik lunch met groepsleider Gijsje, ze vertelt enthousiast over een superlicht elastisch materiaal dat ze heeft ontworpen. ’s Middags overleg met instituutsmanager Bart over drie nieuwe contracten met bedrijven. Als altijd hebben we aan een half woord genoeg. Ook overleg met secretaresse Petra, die mijn reis volgende week tot in de puntjes heeft voorbereid. Als ik om zeven uur thuis kom, hoor ik Philine lekker zingen aan de piano. Philomeen heeft een spannend kookexperiment met polenta uitgevoerd dat we ons heerlijk laten smaken.

Zaterdag

’s Ochtends boodschappen gedaan en een gezellige brunch bij Jeroen en Dieuke, dierbare vrienden. Daarna met Philine wiskundehuiswerk doorgenomen. Ik moet bedenken hoe het ook alweer zat met determinanten en dalparabolen. Ik neem afscheid van Fabian, hij gaat bij een vriendje logeren.

Dan naar de kapper, wat noten studeren en ’s avonds het concert van Coqu in de Pieterskerk in Breukelen. Vooral ons openingsnummer O Magnum Mysterium van Morten Lauridsen gaat goed. Later op de avond zet ik dirigent Arjen van Dijk bij zijn huis af, onderweg praten we na over het concert, dat we volgende week mogen herhalen in Utrecht.

Zondag

Om 9 uur vertrek ik naar Schiphol, voor een reis naar de Gordon Conferentie in Maine, in de Verenigde Staten. Mijn collega Harry Atwater en ik namen zes jaar geleden het initiatief voor dit tweejaarlijkse congres over ‘plasmonics’, het onderzoek naar kleine metaalstructuren voor het manipuleren van licht. In een paar jaar werd het een heel levendig vakgebied. Vlak voor vertrek stuurt promovendus Rutger zijn laatste meetresultaten zodat ik die in het vliegtuig naar Boston in mijn presentatie kan verwerken.

In Boston huur ik een auto en rijd ik in drie uur naar Colby College. Het is een mooie route dwars door drie staten. Hun motto’s staan op borden langs de weg. New Hampshire: live free or die en Maine: the way life should be. Welk motto zou geschikt zijn voor Nederland, vraag ik me af.

Ik ben net op tijd voor het avondeten en neem daarna mijn intrek in een dormatory, een spartaans uitgevoerde kamer van studenten die nu met zomerreces zijn. Fijn om oude bekenden weer te ontmoeten.

Bij de opening van het congres worden Harry en ik tot onze verrassing door de voorzitter in het zonnetje gezet voor onze prijs.

Maandag

Mijn lezing over onze nieuwe microscoop gaat heel goed. Promovendi Toon en Ernst Jan ontwikkelden dit instrument waarmee we op de nanometer-schaal licht kunnen zien. In de koffiepauze word ik belaagd door collega’s die meer over onze nieuwe zonnecelcoatings willen weten.

Daarna wordt de congresfoto gemaakt. De fotograaf blijkt een perfectionist: we staan met 200 mensen lang in de brandende zon.

De middag is vrij voor discussie. Ik bespreek met collega’s van Stanford University een gezamenlijk artikel en bezoek de postersessie waar promovendi hun onderzoeksresultaten presenteren.

Dinsdag

Om in het Nederlandse tijdritme te blijven, sta ik om half 5 op. Het is mijn moeders verjaardag. Ik mis haar, ze zou vandaag 78 worden. Wat zou ze genoten hebben van mijn belevenissen. Na de ochtendsessie is het tijd om te vertrekken. De prijsuitreiking in Rome lonkt.

Eerst nog een conference call met vertegenwoordigers van vier Nederlandse bedrijven, met wie we een nieuw type zonnecel met superrendement willen ontwikkelen. Dan de auto in, het vliegtuig in, en ineens is het woensdagochtend in Amsterdam.

Woensdag

Met een zware jetlag kom ik thuis. Ik duik daarom eerst een paar uur mijn bed in. ’s Middags een radio-interview met RTV Noord-Holland over ons nieuwe zonnecelontwerp. Ik leg uit dat het soms wel drie tot vijf jaar duurt voordat nieuwe onderzoeksinzichten hun weg vinden naar de praktijk.

Dan om zes uur met Philomeen door naar Rome. We zeggen de kinderen gedag. Ze hadden graag mee gewild, maar moeten natuurlijk naar school. In Rome nemen we onze intrek in het barokke Hotel Excelsior waar de personal assistant van ENI ons welkom heet.

Donderdag

We zijn aangeslagen door het trieste bericht dat onze vroegere buurman Pieter is overleden. Jarenlang was hij met z’n vrouw Hilly een trouwe en toegewijde oppas voor onze kinderen. We bellen Hilly en wensen haar sterkte.

We slenteren daarna door het park van Villa Borghese en genieten van de felle zon en de geur van de cypressen. Dan komt ook Harry in het hotel aan. We stemmen onze presentaties af voor de lezing die we ’s middags geven in de Italiaanse Academie van Wetenschappen, een mooi Renaissancepaleis in de oude wijk Trastevere. Voor een select publiek presenteren we ons onderzoek van de afgelopen jaren. ’s Avonds dineren we met de prijswinnaars in het hotel.

Vrijdag 15 juni

De dag van de prijsuitreiking. ’s Ochtends interviews voor Radio 1 en de Italiaanse pers. ’s Middags naar het Palazzo Quirinale voor de ENI-ceremonie. FOM-directeur Wim van Saarloos is ook aangekomen.

In het paleis worden we toegesproken en ontvangen we uit handen van president Napolitano onze prijs. Na afloop gaan we naar het Vaticaans museum voor een rondleiding door de Sixtijnse kapel en het galadiner.

Ik voel me overweldigd door alle indrukken en realiseer me weer dat we deze prijs ook te danken hebben aan het werk van vele onderzoekers en de ondersteuning van vele anderen.

Binnenkort volgt een groot feest in Amsterdam om dat te vieren.