De burger is gretige politiehulp

Een kind vermist? Een inbraak in de buurt? Via Burgernet informeert de politie buurtbewoners, die tips kunnen geven. Bijna een miljoen burgers zijn al partner van de politie.

Een twaalfjarig meisje raakte vorige maand vermist. Ze vertrok ’s ochtends naar school, maar kwam daar niet aan. De politie werd gewaarschuwd. Dezelfde middag nog herkende een buschauffeur het meisje op het station Naarden-Bussum. Hij belde de politie.

Hoe wist de buschauffeur dat het meisje werd gezocht?

Hij deed mee met Burgernet. Als op een bepaalde plek in Nederland iemand wordt vermist – of een overval plaatsvindt, een woninginbraak, een autodiefstal – dan krijgen mensen die zich in de buurt bevinden een sms of spraakbericht van de politie. Met het verzoek op te letten. Een soort Amber Alert dus – maar dan lokaal in plaats van landelijk.

Mensen moeten zich voor Burgernet aanmelden als ‘deelnemer’. Zien deelnemers iets dat voor de oplossing van de zaak van belang kan zijn, dan bellen zij met een gratis nummer naar de meldkamer van de politie. De afloop wordt ook aan de deelnemers gemeld.

Burgernet is populair. Politie, gemeente en burgers werken samen om de buurt veiliger te maken. Dat is het idee.

Het begon als proef in Nieuwegein in 2004. Vijf jaar later werd het systeem uitgeprobeerd in negen gemeenten. Inmiddels doen 362 gemeenten mee en zijn er 900.000 deelnemers. Burgernet is sinds het begin 6.000 keer ingezet. Dagelijks stuurt de politie tussen de 15 en 30 keer een sms of spraakbericht aan een kleine groep mensen.

„Mensen willen graag helpen. Dat blijkt keer op keer uit onderzoek”, zegt Kees van den Bos, hoogleraar sociale psychologie aan de Universiteit Utrecht. „Tegelijkertijd voelen mensen schroom om hun hulp aan te bieden. Ze moeten een zetje in de rug krijgen.”

Van den Bos verwijst naar een recent rapport van de WRR, de wetenschappelijke raad voor het regeringsbeleid. De raad adviseert in dat rapport om burgers meer te betrekken bij besluiten en acties van de overheid in de omgeving (buurt, wijk, dorp, stad). De kennis en de betrokkenheid van de burgers worden onderbenut, terwijl burgers zich wel willen inzetten, schrijft de WRR.

Speelt naast burgerplicht ook sensatiezucht een rol bij de populariteit van Burgernet? Kees van den Bos denkt dat dat hooguit voor een minderheid van de mensen belangrijk is. „Ik denk dat de meeste mensen meedoen omdat ze op die manier iets kunnen betekenen voor een ander en voor hun buurt. En dan is zo’n sms een stuk sneller dan een aanplakbiljet op een lantaarnpaal.” Kees van den Bos is zelf lid van Burgernet in Utrecht.

Er zijn genoeg succesverhalen. In Heerenveen werden vier Zuid-Amerikaanse inbrekers aangehouden na tips van buurtbewoners. Een verdwaalde bejaarde vrouw uit Zeist werd snel teruggevonden. Twee mannen die een tankstation in Bunschoten-Spakenburg overvielen, werden dankzij Burgernet gepakt.

Peter Rehwinkel, voorzitter van de raad van toezicht van Burgernet en burgemeester van Groningen, adviseerde minister Opstelten (Veiligheid, VVD) eind 2009 om Burgernet vanwege het grote succes „landelijk uit te rollen”. Kosten in 2012: ruim twee miljoen euro.

De bedoeling is Burgernet en andere waarschuwingsdiensten als SMS-Alert (ingezet door politie in Midden- en West-Brabant) en het landelijke alarmeringssysteem Amber Alert (om vermiste kinderen op te sporen) op elkaar te laten aansluiten. „Het moet overzichtelijk blijven”, zegt Bryan Rookhuijzen, korpschef Limburg-Noord. „Verschillende systemen moeten niet met elkaar gaan concurreren.”

Deelnemers zijn positief over Burgernet, blijkt uit een evaluatie van de proef in negen gemeenten uit 2009. 84 procent van de deelnemers vindt dat ze als burger een bijdrage moeten leveren aan de veiligheid. Circa 40 procent denkt dat Burgernet de omgeving veiliger maakt en eenzelfde percentage heeft het gevoel meer grip te hebben op de eigen veiligheid. Mensen bellen makkelijker de politie en zijn alerter op opvallende situaties op straat. In bijna 10 procent van de gevallen droeg informatie van een Burgernetdeelnemer bij tot het aanhouden van een verdachte of het opsporen van een vermiste.

Toch is rechtspsycholoog Peter van Koppen ambivalent over Burgernet. „De effecten van zo’n maatregel kun je alleen onderzoeken als je kijkt naar gemeenten waar het wél is ingevoerd en die vergelijkt met gemeenten waar het níét is ingevoerd. Er is alleen gekeken naar de gemeenten waar het is ingevoerd, dus kennen we de effecten niet.”

Een maatregel als Burgernet kán veel effect hebben, zegt Van Koppen. „Maar het kan ook zijn dat de politie denkt: ‘Het regent. Weet je wat, we zetten Burgernet in.’ Of dat de politie zoveel reacties krijgt dat ze er niets mee kunnen. Ook al zit de gouden tip ertussen.”

Korpschef Bryan Rookhuijzen gelooft er niets van. Hij ziet alleen voordelen. Vooral bij vermissingen zijn de extra ogen en oren van de burgers welkom, zegt hij. Drie jaar geleden had hij niet geloofd dat er in 2012 bijna een miljoen deelnemers zouden zijn. Dat zegt genoeg, vindt hij. „Mensen voelen zich betrokken bij het werk van de politie.”

    • Sheila Kamerman