7 × welkom thuis

Wacht even met kinderen verwekken en niet in het donker naar de wc. Zeven welkom-thuistips voor André Kuipers.

1. Bedank je ruimteschip

Vóór de lancering moest je als kosmonaut al een lange reeks lachwekkende rituelen afwerken, van plassen tegen de achterband van de bus naar het lanceerplatform, tot het bekijken van een oude sovjetfilm.

Na de landing gaat dat gewoon door. Zo schrijft de bemanning met krijt steevast ‘Spasibo’, ‘bedankt’, op de nog rokende Sojoez-capsule in de steppe. Maar een boom planten aan de Kosmonautenavenue in lanceerstad Baikonoer, zoals Joeri Gagarin in 1961 ook al deed, dat hoeft niet nog een keer. Een klein boompje met het onderschrift ‘Andrei Kaupers’ groeit daar al sinds 2004, toen je je eerste missie afrondde.

2. Bedenk een antwoord op de vraag ‘hoe was het?’

Ja, we weten dat je eindeloos proefkonijn bent geweest, dat hometrainen en het versjouwen van dozen en kisten hoofdtaken waren, en dat je een leven leefde van procedures en strakke tijdschema’s. Dat een kwartiertje uit het raam kijken een luxe was. En we weten dat de vraag ‘Hoe was het?’ je nu al een miljoen keer gesteld is.

Toch willen we een diep antwoord als we die vraag nogmaals stellen, een menselijk antwoord, een bewijs van je gerechtvaardigde bijzonderheid. Iets als ‘vanuit de ruimte zie je pas hoe kwetsbaar de aarde is’, ‘in de ruimte hebben landen geen grenzen’ of ‘mijn kijk op het leven is voorgoed veranderd’.

Jou een beetje kennende ga je voor het eerste antwoord, maar zo niet, begin dan nu maar maar vast met verzinnen.

3. Duik in het zwembad

„Terug op aarde vond ik alles heel zwaar. Plakkerig, alsof je aan de aarde bleef kleven”, zegt oud-astronaut Wubbo Ockels, die in 1985 met de Space Shuttle vloog. Hij was al snel gewend aan de gewichtloosheid, maar vond de terugkeer op aarde moeilijker. „Overweldigend”, zegt hij nu. „In bed voelde ik me letterlijk neergedrukt.”

Om het zwevende gevoel terug te halen, ging Ockels af en toe nog wel met ingehouden adem op de bodem van een zwembad liggen. „Dat lijkt er een beetje op.” Al blijft het surrogaatgewichtloosheid, zegt hij. „De de ruimte is onovertrefbaar.”

4. Maak van je status een kruiwagen

„Je moet je status gebruiken”, zegt Wubbo Ockels. Na zijn vlucht in 1985 heeft zijn astronautenstatus Ockels duidelijk geholpen. Als hoogleraar duurzame technologie is hij betrokken bij een lange rij duurzame technologieprojecten, van een superzuinige hogesnelheidsbus en de zonnecelraceauto Nuna, tot windenergie met vliegers. „Astronaut zijn biedt aandacht en ingangen”, zegt Ockels. „Het heeft me enorm geholpen om heel andere dingen te bereiken.”

5. Ga niet in het donker naar de wc

„De duizeligheid en de zwakheid na aankomst zijn binnen een paar dagen over”, zegt Wubbo Ockels. „Maar de invloed op je evenwichtsorgaan en je oriëntatie duurt langer.” In het donker is het daardoor lastig oriënteren, aldus Ockels. „Je maakt bochten te scherp en loopt te lang door.” Nachtelijk wc-bezoek eindigde na zijn ruimtereis in gestommel, zegt hij. Zijn advies: doe het licht aan.

6. Zuiver je zaad

„Die nacht, toen we in bed lagen, grapte ik met Donna over de instructie van de NASA-medici om mijn zaad te purgeren.” In zijn hilarische, van testosteron en macho-astronautenhumor bolstaande boek Riding Rockets vertelt Space Shuttle-astronaut Mike Mullane hoe hij na zijn eerste ruimtevlucht zijn vrouw het hof maakte. „That’s so romantic, Mike”, antwoordt Donna.

Maar het was waar: mannelijke astronauten met voortplantingsambities kregen van NASA het advies om zich na de vlucht eerst van van hun ‘ruimtezaad’ te ontdoen. De zaadcellen zouden door kosmische straling beschadigd kunnen zijn, en tot ongezonde kinderen kunnen leiden.

Hoe dat purgeren precies moet, dat werd aan de astronautenkoppels overgelaten – ook als ze geen kinderwens hadden.

7. Word politicus

De sprong naar de politiek is gebruikelijk voor Amerikaanse astronauten, met als bekendste voorbeeld John Glenn (1921), de eerste Amerikaan in een baan om de aarde, later senator en Democratisch presidentskandidaat, en in 1998 weer Shuttle-astronaut.

Onder de tientallen Europese astronauten is de politiek een minder gebruikelijke carrièrevoortzetting. Meestal volgt een loopbaan binnen de ruimtevaart- of luchtvaart- wereld, of een hoogleraarsbaan aan een (technische) universiteit.

Maar toch: is politicus niet wat voor jou, André? Je hebt als Hollandse held een benaderbare, broodnuchtere uitstraling, een vette Amsterdamse tongval die je feitelijke elitestatus prima maskeert, en een vlotte omgang met publiek en pers (je wordt in krantenstukjes zelfs getutoyeerd).

Astronaut zijn boezemt respect in en opent deuren. En je krijgt natuurlijk automatisch zorg, wetenschap en technologie in je portefeuille. Plus Rusland en de VS. Ook heb je herhaaldelijk laten blijken je druk te maken over ecologie, duurzaamheid, wetenschap en onderwijs. Denk erover na. Bij diverse partijen zijn binnenkort leiderschapsverkiezingen.