You say ‘Ulysses’ and I say ‘Ulixes’

Vandaag in de Boekenbijlage van NRC Handelsblad aandacht voor Ulixes, de nieuwe vertaling van James Joyce’ Ulysses door Erik Bindervoet en Robbert-Jan Henkes. Als aanvulling op die recensie, een tiental opmerkingen over Ulixes dat morgen, op ‘Bloomsday’, verschijnt.

In deze aanvulling is er nadrukkelijke rol weggelegd voor de eerdere vertalingen van Ulysses, die van John Vandenbergh (VDB) uit 1969 en die van Paul Claes en Mon Nys (C&N) uit 1994:

 

1. GEWONE ZINNEN

In een interview met het Belgische blad Knack (13 maart 2012) beweerden Bindervoet en Henkes ‘dat in het 800 pagina’s dikke boek niet meer dan een paar woordjes hetzelfde zijn vertaald als eerder John Vandenbergh in 1969 en Paul Claes en Mon Nys in 1994’. Dat valt wel mee. Soms kom je zelfs een zin tegen die bij alle vertalers hetzelfde luidt, zoals ‘Het spookt er’ (episode veertien), ‘Achterom bij de stal’ (episode vijftien) en ‘Een Griek was het’ (episode zestien).

Zodra de zinnen langer worden, nemen ook de verschillen toe. VDB en C&N verdienen voor hun prestaties alle lof en een bescheiden mate van onsterfelijkheid, maar Bindervoet en Henkes hebben hun voorgangers op diverse punten overtroffen. Niet alleen als het om veeleisende passages gaat, juist ook de gewone, on-spectaculaire zinnen zijn bij hen in goede handen.

Een voorbeeld: aan het eind van episode vijf komt Leopold Bloom op straat Bantam Lyons tegen. Lyons vraagt of hij Blooms krant even mag inzien. Bloom bepeinst vijf regels lang het uiterlijk van Lyons (die zijn snor heeft afgeschoren). Dan zegt Lyons: ‘I want to see about that French horse that’s running today.

VDB vertaalt dat als: ‘Ik wil eens kijken naar dat Franse paard dat vandaag loopt.’

Bij C&N zegt hij: ‘Ik moet eens kijken naar dat Franse paard dat vandaag loopt.’

Bij beide vertalingen duurt het even voor je doorhebt dat Lyons hier geen nieuw onderwerp aansnijdt (een bezoekje aan de stallen van de renbaan?), maar het over die krant van Bloom heeft.

Bij Bindervoet en Henkes is dat meteen duidelijk, die vertalen de woorden van Lyons als: ‘Ik wil even kijken of er wat in staat over dat Franse paard dat vandaag loopt.’

Zonder de tekst geweld aan te doen, vertalen ze vrijer, maar tegelijk adequater. Het gaat om kleine verschillen, maar dit is wat een vertaling soepel maakt.

 

 2. DE EVOLUTIE VAN DE VERTALING VAN STRAATNAMEN

Soms lijkt er een logisch verband tussen de vertalingen te bestaan. VDB vertaalde de straatnamen niet; hij hield het bij de Engelse manier, zonder lidwoord. ‘Mr Bloom kwam bij Kildare Street.’

C&N kozen ook voor de Engelse weergave, maar dan met lidwoord, wat een wat gewrongen resultaat oplevert: ‘Mr Bloom kwam bij de Kildare Street.’

Bindervoet en Henkes brengen deze ontwikkeling tot een logisch eindpunt en kiezen voor lidwoorden én vernederlandste straatnamen: ‘Meneer Bloom kwam bij de Kildarestraat.’ (Ze gaan van alle vertalers sowieso het verst als het gaat om het vernederlandsen; anders dan hun voorgangers vertalen ze, zoals uit dit voorbeeld blijkt, Mr in Meneer.)

 

3. LIEDJES

De liedjes en gedichten in de tekst zijn opgenomen, vertalen Bindervoet en Henkes meestal soepeler, ritmischer dan hun voorgangers, en qua woordkeus minder geforceerd. Een paar voorbeelden:

In episode veertien citeert iemand de volgende regels, zogenaamd uit een zeemanslied:

Pope Peter’s but a pissabed

A man’s a man for a’ that.

Bij VDB wordt dat: ‘Paus Pieter is een pissebed/ Trots dat een kerel is een kerel.’

C&N hebben: ‘Paus Pieter mag een piskous zijn/ Toch blijft een man een man.’

Bindervoet en Henkes weten als enigen het liedjes-karakter te bewaren: ‘Paus Pieter is een pis-in-z’n-bed./ Een jan is een jan is een jan-met-de-pet.’

VDB’s vertaalde poëzie klinkt veruit het stroefst. C&N zijn er beter in. Ze blijven doorgaans dichter bij het origineel dan Bindervoet en Henkes: die gunnen zich in hun streven naar goedlopende dichtregels meer vrijheden. Dat blijkt ook uit het volgende voorbeeld.

In episode 6 laat Bloom zijn blik over de overlijdensberichten glijden. Hij komt het volgende vers tegen:

It is now a month since dear Henry fled

To his home up above in the sky

While his family weeps and mourns his loss

Hoping some day to meet him on high.

Bij VDB wordt dat: ‘Een maand geleden nu de dieb’re Henry vlood/ Naar ’t zoet tehuis daar boven gans die lucht/ Terwijl nog ieder wenend in zijn nood/ Hoopt eens hem te zien waar geen mens ooit zucht.’

C&N: ‘Een maand geleden is Henry lief/ Verdwenen naar zijn hemelse woon./ Nog treurt om hem zijn huisgezin/ Dat hoopt hem weer te zien voor Gods troon.’

Bindervoet en Henkes: ‘Nu een maand gelee ging ons Henry heen/ Naar zijn woning daar hoog in de lucht/ Zijn familie betreurt hem elke dag/ Maar we zien hem daar vast ooit weer terug.’

Die laatste regel is misschien net iets te frivool, maar het geheel loopt wel lekker soepel, terwijl C&N hun toevlucht nemen tot ietwat geforceerde oplossingen als ‘Henry lief’ en ‘woon’.

Soms zijn C&N beter, zoals bij het lied dat Buck Mulligan zingt in de eerste episode:

‘‘k Ben een knotsgekke gozer die allen begoochel./ Mijn moeder is joods en mijn vader een vogel./ Ik voel me bij Jozef de Zager niet thuis./ Dus proost op mijn leerlingen èn op mijn kruis.’

Dat loopt best lekker (moet dat niet ‘begoochelt’ zijn, trouwens?). Bindervoet en Henkes komen met:

‘Zó merkwaardig doe ik, dat doet niemand me na/ Mijn moeder jodin, een vogel m’n pa/ Bij timmerman Jozef tel ik niet meer mee/ Dus proost op die vissers en Gethsemane.’

’t Is net alsof ze na die versie van C&N geen ruimte voor verbetering zagen en zich er maar een beetje van af hebben gemaakt.

 

4. OUDE WOORDEN

In de derde episode ziet Stephen een hond op het strand. Hij vergelijkt het dier met ‘a pard, a panther’. Pard is volgens Van Dale Engels-Nederlands een verouderde term voor ‘luipaard’. VDB en C&N vertalen: ‘een luipaard, een panter’. Bindervoet en Henkes zijn consequent en vertalen de verouderde term voor luipaard met een verouderde term voor luipaard: ‘een liebaard, een panter.’

Vreemd is wel dat ze in een alinea (in de tweede episode) waarin twee keer het woord topboots voorkomt, dat woord de eerste keer vertalen met ‘kaplaarzen’ en de tweede keer met het archaïscher ‘stevels’. (VDB en C&N houden het in beide gevallen op ‘kaplaarzen’.) Overdrijven Bindervoet en Henkes hun voorliefde voor oude woorden hier niet een beetje? Maar dan zie je dat die tweede vermelding verdacht veel lijkt op een regel uit een liedje (‘Two topboots jog dangling on to Dublin’); misschien wel een oud liedje, en dat zou dan weer die ‘stevels’ kunnen rechtvaardigen. Soms lees je het boek met een loep; maar het is vertaald met een microscoop.

 

5. De rehabilitatie van de apenpuzzelraket

In episode 13 wordt vuurwerk afgestoken boven het strand van Sandymount. A monkey puzzle rocket burst, spluttering in darting crackles.

Wat is in hemelsnaam een monkey puzzle rocket? Google de term en je krijgt uitsluitend verwijzingen naar deze passage uit Ulysses; het is dus geen gangbare term voor een type vuurwerk.

VDB vertaalt het als ‘knalraket’, C&N maken er een ‘donderster’ van. Bindervoet en Henkes kiezen voor ‘apenpuzzelraket’. En terecht, want dat stáát er toch ook? Ze zijn dapperder dan hun voorgangers: ze durven de lezer te dwingen de lezer op zoek te gaan. Apenpuzzel? Er blijkt een apenpuzzelboom te bestaan. Een naaldboom met uitwaaierende takken. Uitwaaierend als vuurwerk? Dat zal het zijn. Of Joyce de term verzonnen heeft, of dat destijds een bepaald type vuurwerk zo werd omschreven doet er niet toe: een monkey puzzle rocket is een apenpuzzelraket.

 

6. HOE ZE TOCH GELIJK HEBBEN

Soms vraag je je af of Bindervoet en Henkes niet te ver gaan, omdat hier en daar het rebusgehalte van hun vertaling wel erg groot wordt. Zo duikt regelmatig het woord ‘mokum’ op in hun vertaling. Dottyville, de bijnaam van het gekkenhuis van Dublin, noemen ze Lijpmokum. (VDB en C&N hebben het gewoon over ‘dolhuis’.)  Edenville, een verwijzing naar het paradijs voor de zondeval, wordt bij Bindervoet en Henkes Mokum Eden. (VDB en C&N laten het onvertaald.) Romeville, dat in het Engelse bargoens staat voor Londen, wordt bij Bindervoet en Henkes Romokum.
Waarom al die verwijzingen naar Amsterdam, denk je eerst – tot je erachter komt dat de bargoense term ‘mokum’ gewoon ‘stad’ betekent, en oorspronkelijk niet specifiek op Amsterdam sloeg. Dan lijkt het opeens een stuk logischer om ‘ville’ in bargoense termen te vertalen in ‘mokum’.

Maar als Bloom in de hallucinante vijftiende episode ‘London’s burning, London’s burning’ neuriet, vertalen Bindervoet en Henkes dat met ‘Brand in Londen’. Je zou verwachten dat ze er ‘Brand in Mokum’ van zouden maken, maar nee; en terecht, bij nader inzien: ‘Londen’ is geen bargoense term, dus moet ook niet worden vertaald met een bargoense term.

 

7. WOORDSPELINGEN

Het vertalen van woordspelingen is aan Bindervoet en Henkes wel besteed. Soms lijken ze iets te druistig te werk te gaan. In episode zestien komt Stephen Dedalus een kennis tegen die blut is. ‘I’m on the rocks,’ zegt hij in het origineel. ‘Ik zit op de klippen,’ zegt hij bij VDB. Bij C&N zit hij ‘aan de grond’. Maar bij Bindervoet en Henkes zegt hij ‘ik ben helemaal wiener blut’, en dat is toch net weer een stapje verder. Er staan bij hen zelfs woordspelingen op plekken waar ze in het origineel ontbreken. In de twaalfde episode vertalen ze ‘A nobody’ met ‘een nuldebehanger’, waarmee ze weer net iets verder gaan dan VDB (die ‘een nulliteit’ heeft) en C&N (die het op ‘een grote nul’ houden). Ter verdediging: de term ‘nuldebehanger’ past wel uitstekend bij de toon van de monoloog die de naamloze verteller van deze episode afsteekt.

 

8. EEN NIET-UITGELIJNDE MOLLY

Een vreemd element van de nieuwe vertaling: de manier waarop de laatste episode, de monoloog van Molly Bloom, is opgemaakt. Die monoloog bestaat uit een grote woordenstroom zonder leestekens. Bij vorige edities leverde dit pagina’s op die eruit zagen als blokken tekst zonder onderbreking of inspringing. In deze editie is de monoloog rechts niet uitgelijnd, waardoor de bladspiegel een rafelige aanblik biedt en je het idee krijgt dat je een niet-rijmend langregelig gedicht aan het lezen bent.

In de vorige edities versterkte de strakke, rechthoekige bladspiegel juist het gevoel van een oneindige stroom gedachten. Het went wel, die nieuwe opmaak, maar het duurt even. En de vraag blijft: waarom?

 

9. VOORGANGERS

In hun vertaling uit 1994 publiceerden C&N een nawoord waarin ze hun voorganger VDB eerst hemelhoog prezen om hem vervolgens de mantel uit te vegen middels een lijst met door hem gemaakte vertaalfouten.

Ook Bindervoet en Henkes lieten zich uit over hun voorgangers. In het voornoemde interview met Knack zeiden ze dat ze meer hielden van de vertaling van VDB dan van die van C&N, ondanks alle fouten die VDB maakte. VDB was ‘weerbarstiger’, de vertaling van C&N was ‘heel erg afgeplat’. En al in hun Ulysses-pastiche Bloemsdag uit 2004 hekelden ze C&N omdat die in hun vertaling de eerste zin van Ulysses in tweeën hadden geknipt. (VDB vertaalde die zin als één zin en Bindervoet en Henkes hebben dat (gelukkig) ook gedaan.)

 

10. DE TITEL

In datzelfde boek, Bloemsdag dus, schreven Bindervoet en Henkes overigens al over Ulysses-vertalingen: ‘Stom dat de titel nooit vertaald is. De Grieksromeinsverengelste held zou in Grieksromeinsvernederlandste verdolinghe Ulixes moeten heten.’