Deckwitz wint poëzieprijs

De C. Buddingh’-prijs voor het beste poëziedebuut van het afgelopen jaar is gisteren tijdens Poetry International uitgereikt aan Ellen Deckwitz voor haar bundel De steen vreest mij. De andere genomineerden waren N30+ van Jeroen Mettes, Vaderland van Max Temmerman en Het vertrek van Maeterlinck van Michaël Vandebril.

De jury noemde de bundel van Deckwitz „de hechtst gecomponeerde”. Zij had de jury „verbluft” doen staan. Verder schrijft de jury: „Deckwitz houdt van begin tot eind haar taal in de hand. Elk gebruikt beeld is een toevoeging.”

In deze krant was recensent Arie van den Berg vol lof over Deckwitz, die in 2009 Nederlands kampioene Slam Poetry was. Hij zag „de kwetsbaarheid die poëzie een ziel kan geven”. De eenvoud van haar „tastende regels” is volgens hem „verademend”.

Vanochtend sloot Erik Menkveld in de Volkskrant zich bij dat oordeel aan. Hij constateert bij de winnares „een geheel eigen idioom vol treffende beelden en associaties”.

De afgelopen jaren ging de prijs naar Lieke Marsman, Delphine Lecompte en Mischa Andriessen. Aan de C. Buddingh’-prijs is een geldbedrag van 1.200 euro verbonden.