Aanscherping van code tegen plagiaat op universiteiten

Universiteiten gaan elkaar waarschuwen als een van hun onderzoekers zich schuldig maakt aan wetenschapsfraude. Dat meldt NRC Handelsblad vanmiddag. Het nieuwe beleid moet ervoor zorgen dat als een frauderende wetenschapper van baan verandert, de nieuwe werkgever van een eerdere veroordeling op de hoogte is.

Een Delftse student bouwt in het laboratorium aan een bacterie die een kleur- of geurstof afgeeft als hij warm wordt. Foto NRC / Roel Rozenburg

Universiteiten gaan elkaar waarschuwen als een van hun onderzoekers zich schuldig maakt aan wetenschapsfraude. Dat meldt NRC Handelsblad vanmiddag.

Het nieuwe beleid moet ervoor zorgen dat als een frauderende wetenschapper van baan verandert, de nieuwe werkgever van een eerdere veroordeling op de hoogte is, zegt de Vereniging van Universiteiten (VSNU) in een toelichting op het aangescherpte integriteitsbeleid voor wetenschappers, dat vandaag is gepubliceerd.

De universiteiten zijn vorig jaar gealarmeerd door de affaire rond de Tilburgse hoogleraar en psycholoog Stapel, die op grote schaal onderzoeksgegevens vervalste. Een nieuwe gedragscode, die de bestaande code uit 2005 vervangt, en een nieuw preventiebeleid moeten wetenschapsfraude tegengaan.

Zo moeten onderzoekers bij hun aanstelling plechtig beloven integer onderzoek te verrichten en krijgen studenten onderricht in wetenschappelijke normen. Uitspraken van integriteitscommissies komen geanonimiseerd op de website van de VSNU te staan.

Eenduidige regeling voor klachten integriteitsschendingen

Ook is er vanaf nu een eenduidige regeling voor alle universiteiten over het afhandelen van klachten over integriteitsschendingen. Universiteiten hebben daarvoor nu verschillende regelingen, bleek eerder uit artikelen in NRC Handelsblad. Daaruit bleek ook dat universiteiten verschillende definities hanteren voor plagiaat, de meest voorkomende vorm van wetenschapsfraude.

Mede daarom krijgt het begrip plagiaat in een aanvulling op de code een uitgebreidere omschrijving dan voorheen, laat de VSNU weten. De VSNU zegt zelf overigens te betwijfelen “of die omschrijving interpretatieverschillen in alle gevallen zal voorkomen”.

De beschrijving is volgens Pieter Drenth, voormalig president van de Koninklijke Nederlandse Akademie voor Wetenschap te mager. “Plagiaat is breder dan de juridische inbreuk op intellectueel eigendom. Het gaat ook om het pikken van ideeën, designs, projectvoorstellen van medewerkers, studenten en andere.” Hij spreekt van een “gemiste kans”, omdat in de code veel ontbreekt zoals gedragsregels voor universiteitbestuurders en een heldere afbakening van fraude.

Volgens de VSNU kunnen code en werkwijze niet alles regelen: “Bij schendingen zullen de beoordelingsinstanties van geval tot geval een oordeel (moeten) vellen.”

    • Karel Berkhout en Esther Rosenberg