Schuldige kennis over Q-koorts

De Q-koorts-epidemie, die van 2007 tot 2010 heerste, kan worden beschouwd als de grootste crisis in de relatie burger-overheid van de laatste jaren. De overheid onderschatte de omvang en ernst van de uitbraak, achteraf de grootste ter wereld. Ingrijpen werd lang uitgesteld, duizenden omwonenden van geitenboerderijen raakten besmet. GGD’s en huisartsen werden te laat ingelicht. Agrarische belangen lijken achteraf zwaarder te hebben gewogen dan de volksgezondheid. Er vielen maar liefst 25 doden.

De bange vraag is nu of de locale volksgezondheid ook tegen beter weten in op achterstand is gezet. Wist de overheid meer en wist ze dat eerder dan tot nu toe is toegegeven, in de Kamer en tegen de ombudsman? Veel slachtoffers zijn die mening toegedaan.

Een uitzending van Nieuwsuur gisteravond geeft nieuw voedsel aan die suggestie. Al eind 2008 was op basis van een zogeheten tankmelkonderzoek bekend dat een derde van de geitenbedrijven besmet was, zo onthulde het programma. Dat onderzoek werd in augustus 2008 bij de boeren aangekondigd met de urgente mededeling dat het nodig is ‘meer inzicht’ te krijgen in de mogelijke bronnen ‘om deze uitbraak te kunnen stoppen’. Die verwachting is niet ingelost. De uitslag verdween in het overlegcircuit van Landbouw en haalde de politieke en ambtelijke top niet.

Over de betrouwbaarheid van dat onderzoek laait het debat nu op. De overheid zegt dat de meetmethode destijds ‘niet betrouwbaar’ genoeg was om er ‘bedrijven mee te laten ruimen’. Buitenlandse experts zeggen dat er met deze test al tien jaar ervaring bestond, ook op geitenbedrijven. De test is snel, goedkoop, makkelijk toepasbaar en geeft een ‘goede indicatie voor de aanwezigheid van een kiem op het bedrijf’. De betrouwbaarheid van de uitslag kon ook destijds al binnen enkele weken worden bepaald, wordt nu gesteld. Toch nam Landbouw een half jaar de tijd. Pas na de zomer van 2009 werd de tankmelktest voldoende betrouwbaar geacht om er toch ingrijpende maatregelen op te baseren.

Er is dus ten minste een half jaar verloren gegaan. Was dat wetenschappelijke prudentie, agrarisch eigenbelang of roekeloosheid? Was men vooral bezorgd over om geiten en boeren en te weinig over de burgers? Ook met het voordeel van wijsheid achteraf, lijkt die eerste uitslag voldoende substantieel om alle GGD’s in de omgeving van de besmette bedrijven erover te informeren. Een fokverbod, een vervoerstop voor geiten, een aanwijzing aan omwonenden uit voorzorg daar weg te blijven – het had allemaal eind 2008, begin 2009 al gekund. Althans, daar lijkt het nu sterk op. Maar het gebeurde pas later. Dat is een bittere les.