Reacties op ‘Fitness met een zweverig tintje’

Naar aanleiding van het artikel ‘Fitness met een zweverig tintje’, dat afgelopen dinsdag in de Mens&-bijlage verscheen, kregen wij de volgende reacties binnen.

Gert van Leeuwen, Amsterdam:

“Yoga niet gezond?

Bill Broad schrijft in zijn boek The Science of Yoga dat het beoefenen van yoga niet perse gezond hoeft te zijn. Hij noemt een aantal voorbeelden van oefeningen die gevaarlijk zijn, zoals hoofdstand, schouderstand en de ploeg. Inge Turan, voorzitter van de Vereniging van Yogadocenten Nederland reageert daar in het artikel van Ilse van Heusden (NRC Handelsblad, 12 juni 2012) op door te zeggen dat je tijdens het oefenen niet over je grenzen moet gaan. Het moeilijke van beide standpunten vind ik dat geen van beiden met een alternatief komen. Broad is kennelijk van mening dat veel mensen over hun grenzen zijn gegaan en blessures hebben opgelopen, Turan zegt dat je die grenzen niet moet overschrijden – maar wat betekent dat concreet?

Het werkelijke probleem in deze discussie is dat ik niemand hoor zeggen waar die grenzen nu precies liggen. Om dit te bepalen dient de leraar grondig inzicht te hebben in de juiste techniek: hoe zit een yogabeweging in elkaar en bovenal, waar moet ik stoppen voordat ik mijzelf kan gaan blesseren. Twee dingen zijn dus cruciaal: kennis van de techniek en kennis van de vermogens van het eigen lichaam.

Dat vraagt permanent onderzoek naar de basis van yoga, zowel van docenten als van de beoefenaars. Weinig yogadocenten of guru’s spreken zich daar expliciet over uit.

In tegendeel: yoga wordt de afgelopen decennia voornamelijk beschouwd als iets dat voortkomt uit een duizenden jaar oude traditie. Broad geeft terecht aan dat dat niet het geval is: yoga is wel oud maar niemand weet hoe het vroeger werd beoefend. We hebben het in feite over dode tradities. Toch is er in het midden van de vorige eeuw een aantal leraren geweest die zich heeft voorgedaan als de vertegenwoordigers van de eeuwenoude traditie: BKS Iyengar (Iyengar Yoga) en Patthabi Jois (Ashtanga Yoga en heel veel afgeleide vormen als Power Yoga etc.). Dit is desastreus geweest voor de ontwikkeling van de hedendaagse yoga, want als je claimt deel uit te maken van een traditie, terwijl die traditie er feitelijk niet is, dan heb je het over geloof en in het geloof mag je de traditie alleen kopiëren. Dit is dan ook volop gedaan: de leerlingen kopieerden hun leraren enzovoorts. Los van het feit dat bovengenoemde mensen fantastische dingen hebben gedaan voor de ontwikkeling van het moderne yoga [ze ontwikkelden bijvoorbeeld een begin van precisie in de opbouw van yogabewegingen en haalden yoga uit haar zweverige context] hebben zij ook een enorme rem gezet op de ontwikkeling ervan, omdat ze als ‘unieke’ vertegenwoordigers, naar eigen zeggen de ultieme waarheid in pacht hadden. Eigen onderzoek en eigen inbreng werd niet op prijs gesteld zoals binnen welk geloof ook wel vaker het geval is.

Al met al heeft dit ertoe geleid dat er omtrent de uitvoering van yogahoudingen nooit regels zijn ontstaan die door logica onderbouwd zijn. Het is tot nu toe gebleven bij de persoonlijke interpretatie van sporen van een traditie door een aantal personen. De manier van lesgeven is helaas niet altijd even gezond: de correcties die gegeven worden zijn vaak ongenuanceerd en de series die in bijvoorbeeld de Mysore traditie worden beoefend zijn veeleisend, onlogisch in hun volgorde en competitief. Bikram Yoga organiseert zelfs  yoga kampioenschappen. Daarom raken er nog steeds veel mensen geblesseerd.

Yoga zou over het oplossen van spanningen in ons lichaam moeten gaan. Door middel van oefeningen kan de leerling de structurele stress in zijn/haar lichaam die het gevolg zijn van (onbewuste) ambities en drijfveren leren neutraliseren en niet nog eens versterken. Omdat yoga ons confronteert met de spanningen in ons lichaam kunnen wij ook ons gedrag leren evalueren en bijstellen op momenten dat we met die weerstanden geconfronteerd worden. De yogaleraar moet deze momenten kunnen herkennen om er een bewuste positieve sturing aan te kunnen geven maar helaas wordt dit niet of nauwelijks gedaan.

Ik heb deze patstelling, waarin de ontwikkeling van yoga alleen voorbehouden is aan een paar ‘guru’s’,  proberen te doorbreken door het schrijven van mijn boek Critical Alignment Yoga waarin een methode wordt gepresenteerd die nieuw is omdat hij gebaseerd is op eigen ervaring, onderzoek en moderne (wetenschappelijke) inzichten vanuit de geneeskunde en psychologie. Het is een methode die gebaseerd is op logica en niet op overlevering. In mijn boek staat precies beschreven hoe je grenzen kunt overschrijden (want als je dat niet doet gebeurt er niets), maar op een manier die niet tot blessures leidt. Hoofdstand, schouderstand en de ploeg zijn volkomen veilige oefeningen, als je maar weet waar je grenzen liggen!”

Drs. Jessica Bisoen, Amstelveen:

“Als de schrijver zich eens verdiept had in yoga, in plaats van in wat hippe yogalessen, dan was hij niet zo teleurgesteld geweest.

Dat yoga gericht is op verstilling van de geest en een voorbereiding is voor meditatie, wordt bij de moderne yogavormen niet meegenomen, dat is waar. Maar de student krijgt de leraar die hij verdient! Als je aan de oppervlakte wil blijven en yoga als fitness wil beoefenen, dan is er altijd wel iemand die dit zo aanbiedt. Yoga is niet hetzelfde als een serie houdingen uitvoeren! Dus neem als volwassen student de verantwoordelijkheid en gebruik je gezond verstand; verdiep je eerst in wat yoga is en ga op zoek naar een docent die volgens de traditie lesgeeft of nog beter: yoga leeft. Yoga is heilzaam mits op de juiste manier en in de juiste context (het achtvoudige pad) beoefend wordt. Domme verkooppraatjes zijn er voor elke activiteit en er zijn altijd kopers van die dommigheid. Dit betekent niet perse dat de activiteit an sich verkeerd is. Een hype die inspeelt op de behoefte aan fysieke ideaalbeelden (het vasthouden aan slankheid en jeugd) is over wanneer de volgende zich aandient. Yoga is duizenden jaren oud! Moderne vormen voegen niks toe aan en halen niks af van de traditie.”

 

    • Tom Janssen