Publieke omroep verstoort de markt, volgens commerciëlen

De commerciëlen betichten de publieke omroep al jaren van oneerlijke concurrentie. De Tweede Kamer lijkt het daar inmiddels mee eens.

Commerciële media storen zich al jaren aan de in hun ogen oneerlijke concurrentie van de publieke omroep. Hun klachten vinden steeds meer gehoor in de Tweede Kamer, bleek gisteren tijdens een debat over persbeleid.

Uitgevers en commerciële omroepen hekelen vooral de hybride financiering: landelijke, regionale en lokale omroepen krijgen overheidsgeld én ze verkopen advertenties. De opkomst van internet heeft de strijd alleen maar verhevigd. Niet alleen RTL en SBS maar ook dagbladen en tijdschriften moeten opboksen tegen NOS.nl en andere digitale activiteiten van de publieke omroep. Dat is des te moeilijker nu de inkomsten van veel kranten afnemen: oplages en reclame-inkomsten dalen.

Tijdens een hoorzitting, drie weken geleden, deden hoofdredacteur Remarque van de Volkskrant en directeur Volmer van Telegraaf Media Nederland hun beklag over de marktverstoring. Ook het Kamerdebat gisteren over persbeleid ging grotendeels over de strijd tussen publieke en commerciële media.

Maar hoe groot is de verstoring eigenlijk? En moet de overheid daar iets aan doen? De publieke omroep sterk inperken op internet, zoals in het buitenland gebeurt? Minister Van Bijsterveldt (Media, CDA) wil daar niet aan, zei ze gisteren opnieuw. „De makers van de krant hebben het niet gemakkelijk. Maar hun problemen los je niet op door iets anders af te breken.”

De minister stelt dat haar beleid erop is gericht de pluriformiteit van de media zoveel mogelijk in stand te houden. Ze wil dat doen door incidentele subsidies te verlenen (zie inzet) en wettelijke belemmeringen weg te nemen. Publieke omroepen mogen nu meer dan vroeger samenwerken met commerciële media.

Voor PVV en VDD is de marktverstorende werking van de publieke omroep zonneklaar. „Een pluriform aanbod bestaat niet als de sector wordt gedomineerd door de publieke omroep”, zei Anouchka van Miltenburg (VVD) gisteren. Haar collega Martin Bosma (PVV): „De activiteiten van de STER hebben een negatief effect op de online advertentietarieven.” De minister weerlegde dat. „De STER verdient op internet 3 miljoen euro per jaar. De totale online advertentiemarkt is in Nederland 2 miljard. De echte grootverdieners zijn Google en Facebook.”

Drie miljoen is weinig vergeleken bij reclame-inkomsten van tv en radio, maar voor sites van dagbladen kan het het verschil betekenen tussen winst en verlies. Volkskrant.nl is nog steeds verliesgevend, vertelde Remarque drie weken geleden.

Van Miltenburg (VVD) vindt dat de publieke websites daarom reclamevrij moeten worden. De SP vindt dat idee redelijk, het CDA sluit het niet uit, maar is er „nog niet” aan toe. Van Dam (PvdA) wil eerst een onderzoek naar de financiële gevolgen van de marktverstoring. „En dan mag het effect van publieke sites zonder reclame best worden meegenomen.”

De strijd gaat niet alleen om advertenties maar meer nog om eyeballs, bezoekers. Bosma: „Wie de NOS-site bezoekt, kijkt immers niet op de sites van de kranten.” Van Miltenburg wees er gisteren op dat de NOS expliciet zou hebben gesteld dat NOS.nl de meest bezochte nieuwssite van Nederland moet worden. De bezoekerscijfers geven de critici van de publieke omroep nog ongelijk. Nu.nl van Sanoma is de grootste nieuwssite van Nederland, vóór Telegraaf.nl.

Bovendien verschilt de mediaconsumptie van tegenwoordig wezenlijk van de mediaconsumptie van vroeger. Toen hadden de meeste lezers geen tweede krant, nu maken veel internetters een rondje langs een handvol nieuwssites of -apps. Publiek en commercieel.

De marktverstoring zit volgens commerciële media vooral in activiteiten die zij níet ondernemen. Niemand lanceert een themakanaal of smartphone-app als de publieke omroep een markt al heeft dichtgetimmerd. Dat geldt voor RTL met een digitaal themakanaal en voor het kleine commerciële radiostation Arrow Jazz dat concurrentie kreeg van het publieke Radio 6 Soul en Jazz met acht (internet)zenders.

De dagbladuitgevers vragen al jaren aan de minister de (online) markt eerlijker te maken. Europese regels eisen dat nieuwe digitale activiteiten van de publieke omroep eerst worden getest op valse concurrentie. Die markttoets is uiterst zwak, vindt de krantenbranche, en stapte naar de rechter. De Raad van State vond de huidige toets echter afdoende.

Minister Van Bijsterveldt zei gisteren maar weer eens dat de NOS niks fout doet als zij voluit gaat met nieuws op internet. „Sinds de Mediawet van 2008 is internet een hoofdtaak van de publieke omroep.” Van Miltenburg (VVD) wil dat dat in de nieuwe Mediawet, die binnenkort voor advies naar de Raad van State gaat, wordt aangepast. „De publieke omroep mag best op internet laten zien wat ze op radio en tv doet. Maar ze moet zich beperken tot die taak.” D66 en GroenLinks leken het daar gisteren mee eens, maar verbonden er geen consequenties aan. Van Bijsterveldt had het laatste woord: „Als je dergelijke beperkingen oplegt, stuur je de publieke omroep geamputeerd de digitale toekomst in.”

    • Jan Benjamin