'Kunstmatigheid schept tijd voor reflectie'

Marina Abramovic vroeg regisseur Robert Wilson alvast haar begrafenis vorm te geven.

Robert Wilson demonstrating movement technique during rehearsal for Symptômes, Warsaw Foto: Lesley Leslie-Spinks, 2007

Robert Wilson ontmoette Marina Abramovic voor het eerst in 1971, in Belgrado. „Ik maakte toen ook performances, in parkeergarages en galeries”, zegt Wilson, „ik was lid van de beweging ‘Art Without Illusion’. Later dacht ik ‘Wat is er mis met illusie?’ en besloot op mijn eigen manier theater te maken, in echte theaters. Zo gingen Marina en ik ieder een andere kant op. Zij zat in een kelder met een berg rauw vlees, en ik stond in een commerciële tent op Times Square.”

Robert ‘Bob’ Wilson (1941, Waco, Texas) is sinds begin jaren zeventig bekend als vernieuwend regisseur van theaterstukken. Wilson werkt vaak samen met muzikanten, zo regisseerde hij de opera Einstein On The Beach (1976) van Philip Glass; The Black Rider (1990) met Tom Waits, en Timerocker (1997) met Lou Reed. Zijn stukken onderscheidden zich vaak door lengte – sommige duren 12 uur – en door de enscenering. Wilson werkt graag met tableaus die langzaam van vorm veranderen, en waarin hard geluid en strenge stiltes elkaar afwisselen.

Vijf jaar geleden benaderde Abramovic hem met de vraag om een stuk over haar leven te maken. „Ik zei: ik denk niet dat ik daar de aangewezen persoon voor ben. Ik zit meer in de artificiële hoek dan jij. Ik wil niet naturalistisch werken, want ik hou van kunstmatigheid. Kunstmatigheid geeft afstand. Juist door kunstmatigheid ontstaat er tijd voor reflectie, zowel bij de performer als de toeschouwer.

„Zo hadden we allerlei discussies. Ik zei ‘Marina, als ik het doe wil ik het opvoeren in een echt theater, als een echt theaterstuk, met alles erop en eraan. Dat wordt veel werk, je moet van alles leren.’ De manier waarop je staat of loopt op het toneel is nu eenmaal anders dan hoe je normaal gesproken loopt of staat. Dat moet je je eigen maken. Zij wilde het doen, ze was klaar voor iets nieuws. Maar ik bleef aarzelen. Uiteindelijk belde ze op: ‘Robert, ik wil dat jij te zijner tijd mijn begrafenis vormgeeft. Ik wil drie kisten, een in Belgrado, een in Amsterdam, een in New York.’ Toen kreeg ik het idee, ik zei ‘Ik maak een stuk over je leven en je dood, en het begint met je begrafenis.’ ‘Geweldig, zei ze, dan kan ik vast zien hoe het eruitziet!’

„Tijdens de repetities moest ze zich over allerlei emoties heen zetten. Over haar dominante moeder, de ruziënde ouders, haar recente liefdesverdriet. Tevoren zei ze ‘Ik kan het niet, ik moet heel erg huilen als het daarover gaat’. Daar maakte Willem, in zijn rol van verteller, een grap van: ‘Ja, ja, baby, we weten hoe verschrikkelijk je leven was, haha.’ Uiteindelijk moest ze lachen om de dingen waarover ze moest huilen.

„Marina stelde voor om Antony te vragen voor de muziek. Dat vond ik een goed idee. Het engelachtige geluid van zijn stem biedt mooi tegenwicht aan het harde, rauwe verhaal van haar leven. Een Lou Reed zou qua esthetiek te veel overeenkomen.”