Drie kunstenaars over Afghanistan

De geschiedenis van Afghanistan, bezien vanuit een postkoloniaal standpunt, is een hoofdthema van Documenta 13. Een aantal hoogtepunten op de tentoonstelling laat zien hoe sociaal-politiek elan kan leiden tot kunst die geëngageerd is en die tegelijkertijd een autonome zeggingskracht heeft.

Film- en performancekunstenaar Francis Alÿs (Antwerpen, 1959) maakte in Kabul de film Reel-Unreel (ca. 20 minuten). Hij liet zich inspireren door spelende kinderen die met een stok een wiel voort laten rollen. Twee jongens rennen achter elkaar aan, ieder met een filmspoel (‘reel’) die ze rollend voortbewegen door er met de hand tegenaan te tikken. De voorste, rode spoel ontrolt een film, de tweede, blauwe spoel rolt de film weer op. Het gaat een heuvel af, dwars door Kabul heen, en een ertegenover liggende heuvel weer op. Langs schapen op de weg, tussen auto’s en brommers door, alsmaar hollend, over de markt en door smalle steegjes, door modder en door stof. De metalen spoelen rammelen erop los. Reel-Unreel is een poëtische vertelling, prachtig gefilmd met een lange, continue en horizontale camerabeweging. We krijgen Kabul te zien zoals we de stad nooit te zien krijgen op de dagelijkse beelden in de media, een echt (‘real’) en menselijk Kabul.

Tacita Dean (Canterbury, 1965) verzamelde ansichtkaarten van een vooroorlogs Kassel. De stad is in de oorlog zwaar gebombardeerd. Dean beschilderde de kaarten met gouache en vulde de afbeeldingen aan om duidelijk te maken hoe de afgebeelde plekken er nu uitzien. Ze stuurde de kaarten op naar de voormalig topman van de Aga Khan Trust for Culture in Kabul, Jolyon Leslie. De beschilderde ansichtkaarten worden nu, als onderdeel van Documenta, in Kabul tentoongesteld. In Kassel zelf maakte Dean een installatie met zwarte schoolborden in het voormalige gebouw van het Kasselse Finanzamt. Trappen met vergulde hekken leiden in het midden van het gebouw naar de kelder waar ooit de kluis was. Op basis van filmmateriaal dat haar werd toegestuurd door een Afghaanse cameraman tekende Dean op schoolborden met wit krijt de woest kolkende Kabul-rivier. Deze rivier stroomt jaarlijks over door smeltwater uit de omringende heuvels. Op de bovenverdieping, op de omloop rond de trappen, zien we een rotsig gebergte met besneeuwde toppen, op de verdieping eronder de rivier met watervallen en wolken en regen, in een quasi negentiende-eeuwse, romantische stijl. Notities en pijlen geven de tekeningen het karakter van een meteorologische studie: ‘direction of flow’, ‘weather coming in’, ‘snow coming in’. Ook becommentariëren de notities haar eigen positie: ‘a month of my life’. Documentatie, beeld en subjectieve blik komen zo samen in een schitterend en vluchtig visioen.

Lida Abdul (Kabul, 1973) maakte de video-installatie What we have overlooked (3,5 minuut), te zien in het voormalig Elisabeth-ziekenhuis. Een spiegelglad meer strekt zich uit voor een bergketen, onderaan begrensd door een kiezelstrand en in de verte door een heuvelachtige oever. Daarboven verrijzen, als een fata morgana, de besneeuwde bergen onder een strakblauwe lucht. Het beeld is van een grote schoonheid, alles turquoise, azuur, geel en wit, de bergen roze weerspiegelend in het water. Een man loopt langzaam met een rode vlag het ijskoude meer in, wadend en struikelend naar het midden. De vlag wordt gaandeweg een bewegende rode punt en ten slotte verdwijnt hij in het water. Korte teksten in een voice-over gaan over dilemma’s van trots en angst, over het individu en de staat, en over de futiliteit van een nationalistische ideologie.

De film van Alÿs wordt vertoond op 16 juli in de Gloria Cinema en op 6 september in de Bali Cinema in Kassel, beide 20.30u.