'Zo veel humptie dumptie kunnen we niet aan'

Openingsparade. Gezien 12/6, Rotterdam. Festival t/m 17/6. Inl:www.poetry.nl

De Braziliaanse dichter Márcio-André start zijn optreden met het lanceren van een scherpe beat op zijn laptop. Op het filmdoek boven het podium van de Rotterdamse schouwburg, waarop de vertalingen van de gedichten worden geprojecteerd, staan twee woorden ver uit elkaar: pedra, água; steen, water. Die woorden herhaalt hij minutenlang, tot ze in een loop staan. Dan komen er steeds meer woorden bij, door hem geroepen en in rijen en kolommen op het scherm. Tussendoor speelt de dichter over de beat nog wat op zijn elektrische viool.

Zijn voordracht was verreweg de meest afwijkende op de openingsavond van Poetry International gisteren, waar alle festivaldichters zich voorstelden met een gedicht, als voorproefje op de rest van de week.

Alle? Dit keer waren er van de twintig drie dichters nog niet aanwezig. Zij lieten hun vertaler het werk doen. Nogal suf op een festival voor het gesproken woord. De persoonlijkheid van de dichter weegt namelijk zwaar, en met K. Schippers heb je dan een performer waar elk festival van opknapt. Ontspannen en melodieus bracht hij zijn gedicht wat je maar kort hoeft te onthouden, zoals „het nummer van een gereserveerde stoel/ handdruk op een receptie/ een kamer gezien door een raam/ zeepbellen”.

Ook landgenote Marije Langelaar maakte indruk door met fluisterzachte strijkklanken te reflecteren op de geboorte: „Het zit ons niet mee trekken ons terug ergens ver in de hersens zo veel humptie dumptie kunnen we niet aan.” Het waren hun bijdragen aan het festivalthema ‘Onvoltooid’, waar de dichters op verzoek een eigen gedicht bij hadden gezocht.

Dat leverde een grote variëteit op aan indrukken en ervaringen. De Palestijn Najwan Darwish zei voor zijn voordracht begon dat voor hem het meest onvoltooide zijn identiteit is. In zijn gedicht Identiteitskaart vertelt hij zich een kind van alle volken uit zijn regio te voelen – Armeniër, Syriër, Arameeër. Een zachtmoedig standpunt, prikkelend verwoord: „Zoals mijn afkeer van het zionisme mij er niet van weerhoudt te zeggen, dat ik een Jood ben die uit Andalusië verdreven is en dat ik nog steeds betekenis weef uit het licht van die zonsondergang.”

De variatie in voordracht was minder groot. De Amerikaan Ron Silliman bezielde zijn gedichten met veel energie en de Indiase K. Satchidanandan las op sneltreinvaart. Verder werd er serieus voorgelezen, en dan ook gedichten die niet onmiddellijk een sensatie opwekten – eerder de wens ze nader te bestuderen. De Belg Jan Lauwereyns voelde de sfeer aan door een praatje vooraf te besluiten met: „Ik doe maar veel uitleg, want de gedichten zijn toch te moeilijk.” Een lichtvoetige editie van Poetry International beloofde deze parade niet.