Zo consistent als stuifzand, deze film

De Nobelprijswinnaar. Regie: Timo Veltkamp. Met: Marc van Uchelen, Harry van Rijthoven, Carly Wijs, Chloé Leenheer, Rifka Lodeizen. In: Ketelhuis, Amsterdam.

Regisseur Timo Veltkamp leurde jarenlang met De Nobelprijswinnaar. Zijn producent verloor het vertrouwen, het Filmfonds eveneens. Hij leende geld bij familie en draaide de film houtje-touwtje op enthousiasme. Zoveel doorzettingsvermogen verdient respect, en soms is recenseren een naar beroep. Want de professionals zagen het helaas scherp: het script deugt niet.

De Nobelprijswinnaar gaat over de geniale, maar timide schrijver Joachim West die het manuscript verliest van een roman waaraan hij al tien jaar werkt. West haalt daar gek genoeg zijn schouders over op; wel veinst hij zelfmoord om het voorschot van zijn uitgever niet terug te betalen. Het manuscript belandt alsnog bij die uitgever en blijkt een meesterwerk. Nu de auteur toch dood is, haalt ze sterschrijver Fabian Remarque over het onder eigen naam te publiceren. West leert de zwangere tiener Annabel kennen, een ongecompliceerd ‘jong ding’ dat zo uit het werk van Remco Campert komt.

Dat De Nobelprijswinnaar geen personages, maar types bevat, is geen bezwaar: het is een klucht. Maar ook types moeten gemotiveerd en samenhangend handelen, en daaraan schort het. In het midden slaat De Nobelprijswinnaar als een dronkelap de ene na de andere doodlopende steeg, tot de film kreunend onder overbodige wendingen en personages tot stilstand komt - wat is bijvoorbeeld het nut van ‘hoertje met het gouden hart’ Ilse (Rifka Lodeizen)? Waarna hij alsnog amechtig richting finish sprint via nogal ongerijmde handelingen. Jammer, ook voor de familie Veltkamp, maar dit script is zo consistent als stuifzand.

    • Coen van Zwol