'Opeens sta ik weer vóór de acteurs, en niet ertussen'

Vanaf morgen is in de Toneelschuur Kat op een heet zinken dak van Toneelgroep Amsterdam te zien. Jacob Derwig maakt daarmee zijn debuut als regisseur bij TA.

„Acteurs, acteurs! Luister nou eens naar mij!” Met gespeelde wanhoop laat Jacob Derwig zich in zijn stoel zakken. Het is een vroege ochtend in april en voor het eerst is de voltallige cast van Kat op een heet zinken dak bijeen voor een repetitie. Op de speelvloer bekende gezichten als Gijs Scholten van Aschat, Marieke Heebink, Barry Atsma en Karina Smulders. Aan de zijlijn zit Derwig, die nu eens geen onderdeel van de acteursgroep is, maar debuteert als regisseur bij TA2 – het platform van Toneelgroep Amsterdam voor de ontwikkeling van regietalent. Het weerhoudt zijn collega’s er niet van het hem flink lastig te maken: amper vijf zinnen zijn uitgesproken, of de ploeg begint te muiten.

„Het is goed zo, jongens. Zullen we gaan lunchen?” probeert de een. „Jacob...”, zucht een ander, „ik kan niet werken met deze mensen! Kunnen we er geen monoloog van maken?” Weer een ander richt zich met dodelijke ernst tot zijn voormalige collega: „Hé Jacob, hoe bevalt het regisseren?” En meteen daar achteraan: „Vind je het zelf wél leuk?”

Hij blijft onverminderd enthousiast, verzekert Derwig later. Hij spreekt van ‘de kriebel’ als het gaat over zijn drang om zélf voorstellingen te maken. Veertien jaar lang kon hij dat naar hartelust doen bij zijn eigen theatergroep ’t Barre Land, maar de uitnodiging van Toneelgroep Amsterdam om toe te treden tot het acteursensemble was voor zijn ontwikkeling als speler een kans die hij wel moest grijpen, zegt hij.

Nu kwam alsnog de kans om bij Toneelgroep Amsterdam zelf een voorstelling te regisseren. Derwig liet zijn keus vallen op Kat op een heet zinken dak (1955) van Tennessee Williams, dat zich afspeelt rond de verjaardag van de stinkend rijke en terminaal zieke Big Daddy. Zijn alcoholistische lievelingszoon Brick schittert door afwezigheid en zijn andere zoon Gooper stelt intussen alles in het werk om aanspraak te maken op de miljoenenerfenis. Binnen de kortste keren ontvouwt zich een even tragisch als hilarisch familiedrama.

„Ik viel voor de slimme en vlotgeschreven dialogen, die lijnrecht toewerken naar het uiteenvallen van die familie”, vertelt Derwig. „De hele tijd voel je: het hóéft niet mis te gaan, zolang die personages nu maar gewoon eerlijk en open tegen elkaar zijn, maar ze maken helaas keer op keer de verkeerde keuzes. Het is een familie vol mensen om wie je van een afstand goed kan lachen, maar als je dichterbij komt, voel je hun pijn en zie je hun tragiek.”

„De ultieme attractie is voor mij dat het stuk gaat over mensen die heel alleen zijn en doodsbang om in hun eentje te eindigen. Het schetst hoe moeilijk het voor familieleden is om echte gesprekken te voeren, en gebruikt daarvoor een explosief vader-zoonconflict. Ik weet uit eigen ervaring hoe moeilijk het kan zijn om een goed gesprek met je vader te voeren. Mijn vader is in het buitenland gaan wonen toen ik drie was en daardoor heeft onze relatie zich niet zo goed kunnen ontwikkelen. We hebben erg ons best moeten doen om een manier te vinden om elkaar echt te bereiken. En ook al is mijn vader een totaal andere vader en ben ik een heel andere zoon, ik herken wel het een en ander.”

Om goed beslagen ten ijs te komen nam Derwig maanden de tijd om de tekst uit te pluizen, samen met echtgenote Kim van Kooten, die de vertaling maakte. „Ik zou plotseling niet tussen, maar vóór mijn collega’s staan. Gaan ze wel naar mij luisteren, vroeg ik me af. Maar het bevalt goed. De cast is welwillend en heeft vertrouwen in me. En ik kan als regisseur gebruikmaken van mijn kwaliteiten als speler: mijn kracht zit in het omgaan met taal en het creëren van een personage. In plaats van één personage maken, mag ik dat nu maar liefst zes keer doen.

„Daarbij bof ik enorm met deze acteurs: laatst speelden Barry en Karina hun dialoog mooier dan ik me ooit had kunnen voorstellen. Dat zijn cadeautjes. Op zulke momenten ben ik als een kind in een snoepwinkel.”

Kat op een heet zinken dak, 14 t/m 30/6. Toneelschuur, Haarlem. Inl.: tga.nl of toneelschuur.nl

    • Oscar Kocken