OESO: hard besparen kan herstel remmen

Als de Nederlandse economie verder verzwakt, moet het tempo van de bezuinigingen worden afgeremd. In dat geval zouden harde ombuigingen een economisch herstel in de weg kunnen staan.

Dit zegt Pier Carlo Padoan, plaatsvervangend secretaris-generaal van de OESO in een toelichting. Vanochtend verscheen het tweejaarlijkse landenrapport over Nederland, waarin de organisatie van rijke industrielanden voor volgend jaar een gematigde economische groei van 0,7 procent. In het rapport wordt gewaarschuwd voor te grote bezuinigingen, „vooral als de economie breekbaar is” door de zwakke huizenmarkt en problemen rond de pensioenfondsen. Een verzachting van de bezuinigingen zou niet alleen de Nederlandse economie meer ondersteunen, maar ook „de onbalans in het eurogebied corrigeren”. Landen die het mikpunt van de financiële markten zijn, hebben geen alternatief dan zware bezuinigingen.

Toch is Padoan positief over het recente bezuinigingsakkoord dat volgens hem „de goede kant” op gaat. Door het akkoord van de regeringspartijen VVD en CDA en oppositiepartijen D66, ChristenUnie wordt niet alleen 12 miljard euro extra bezuinigd (inclusief lastenverzwaringen), maar worden ook hervormingen doorgevoerd op het gebied van bijvoorbeeld de arbeids- en huizenmarkt.

Volgens Padoan vraagt vooral de woningmarkt om „omzichtigheid”, vooral omdat veel huishoudens (minstens 10 procent) door de waardedaling van hun huis over een negatief vermogen beschikken. De dalende huizenprijzen – ruim 15 procent sinds 2008 – drukken de particuliere consumptie en beperken ook de arbeidsmobiliteit.

De OESO roept op om verder te gaan met hervormingen als economisch herstel eenmaal is opgetreden. Die hervormingen zouden vooral tot meer werkgelegenheid en hogere arbeidsparticipatie moeten leiden.