Irak: zeker 56 doden bij aanslagen op pelgrims

Bij aanslagen en schietpartijen in zes Iraakse provincies, waaronder tien locaties in Bagdad, zijn vandaag zeker 56 doden en tientallen gewonden gevallen. Dat heeft de Iraakse politie bekendgemaakt. Veel van de doden in Bagdad waren shi’itische pelgrims die bijeenkwamen voor een religieus festival.

De afgelopen dagen zijn er meerdere aanslagen geweest op de shi’ieten in Irak. Zij zijn bijeen voor de jaarlijkse pelgrimstocht naar de tombe van imam Moussa al-Kadhim, de zevende van de twaalf geestelijk leiders van de shi’ieten. Zo herdenken ze de dood van Al-Kadhim, die volgens de overlevering in 799 in de gevangenis werd vergiftigd.

Bij bomaanslagen op pelgrims in Bagdad vielen zeker achttien doden. Een van die explosies vond plaats bij een controlepost van de politie waar pelgrims stonden te wachten. Deze week zijn er in Bagdad tal van extra controleposten opgezet vanwege de komst van duizenden pelgrims.

In de zuidelijke stad Hilla kwamen 22 mensen om bij aanslagen met twee autobommen bij restaurants die populair zijn bij Iraakse veiligheidstroepen. In de steden Balad, Kerbala en Haswa vielen in zeker 8 doden en 21 gewonden bij aanslagen met autobommen. Drie bommen explodeerden in Kirkuk, waarvan een bij het hoofdkwartier van de Koerdische president Massoud Barzani.

De pelgrimstocht verliep vorig jaar zonder incidenten. Iraakse veiligheidsfunctionarissen zagen dat als een groot succes in de aanloop naar de Amerikaanse terugtrekking uit Irak eind vorig jaar. Maar het geweld in Irak eist nog elke maand twee- tot driehonderd levens.

Gecoördineerde aanslagen zoals vandaag worden steevast toegeschreven aan sunnitische terreurgroepen. Hoewel deze groepen ver zijn teruggeslagen de laatste jaren, slagen de autoriteiten er niet in hen uit te schakelen. Ze plegen regelmatig aanslagen op shi’ieten om de sektarische spanningen aan te wakkeren die leidden tot de burgeroorlog in 2006 en 2007. (AP, Reuters, BBC)