Rotterdam teert in op bezit

Rotterdam doet de komende jaren een groot beroep op het eigen vermogen om de begroting weer sluitend te krijgen. Een tekort van 150 miljoen euro wordt voor de helft gefinancierd uit de reserves. Dat blijkt uit de Voorjaarsnota.

In Rotterdam dreigt een miljoenentekort te ontstaan doordat de stad er niet slaagt het aantal mensen te verminderen dat een beroep doet op de bijstand. Deze post drukt, met een jaarlijks tekort van 75 miljoen euro, zwaar op de begroting.

De helft van het tekort van 150 miljoen euro wil het college van B&W financieren door aanspraak te maken op het eigen vermogen. Uit het ‘Investeringsfonds Rotterdam’, bedoeld voor incidentele uitgaven, wordt 73 miljoen euro gehaald. Vorig jaar werd het begrotingstekort aangevuld door tientallen miljoenen uit de algemene reserve te halen. Die is nu bijna op.

De andere helft van de bezuiniging wordt grotendeels gehaald uit een inkrimping van het ambtenarenapparaat. De gemeentelijke organisatie wordt met 20 procent teruggebracht. Een versnelde doorvoering van deze reorganisatie moet volgend jaar 30 miljoen euro opleveren.

In de dienst Stadstoezicht wordt jaarlijks 4 miljoen euro gesneden. Ook gaat de afvalstoffenheffing in Rotterdam verder omhoog. Deze heffing was recent al 21 procent gestegen, daar komt nu nog 4 procent bij. Parkeergarages moeten structureel 3 miljoen euro meer gaan opleveren en bij Stadsinitiatief, een burgerparticipatieproject, wordt jaarlijks 1 miljoen euro weggehaald. Op cultuur wordt niet bezuinigd.

Coalitiepartijen reageren gematigd positief op het voornemen om reserves aan te spreken. „Als je kijkt naar de ruige tijd waarin we verkeren, is dit onontkoombaar”, zegt CDA-fractievoorzitter Wubbo Tempel. VVD’er Maarten van der Donk: „We zijn er niet blij mee, maar de tekorten zijn simpelweg te groot.” „Dit is tenminste beter dan extra bezuinigingen die Rotterdammers rechtstreeks raken”, vindt PvdA’er Richard Moti. D66-leider Salima Belhaij is kritisch: „Dit is een noodgreep, maar geen oplossing. Op deze manier lopen we langzaam leeg.”