'Corporaties doen alsof ze in het casino zijn'

Eppo König

Woningcorporaties doen aan „casinogedrag” en er heersen „middeleeuwse toestanden”. Net als het noodlijdende Vestia hebben andere corporaties grote financiële risico’s genomen. Dat zegt de toezichthouder op de sector, directeur Jan van der Moolen van het Centraal Fonds Volkshuisvesting (CFV), vandaag in een interview in deze krant.

Het CFV heeft onderzoek gedaan naar bijna alle corporaties die derivaten (rentecontracten) hebben: 156 van de in totaal 400 corporaties. Het ontbreekt hen aan financiële kennis en aan interne controle. En als banken meer tijdelijk onderpand van corporaties eisen, is er geen geld. Bij Vestia is zo een miljardentekort ontstaan. „Als ik heel eerlijk ben, zijn de meeste corporaties vergelijkbaar met het midden- en kleinbedrijf”, zegt Van der Moolen. Tegelijkertijd hebben corporaties de afgelopen jaren veel derivaten afgesloten. Tussen 2010 en 2011 steeg de totale waarde van derivaten in de sector met 20 procent tot 17,9 miljard euro.

Opvallend vond het CFV dat bijna alle corporaties uit het onderzoek, ruim 94 procent, financiële producten afsluiten op basis van een renteverwachting. Het CFV adviseert corporaties om „zeer voorzichtig” te zijn met een zogenoemde rentevisie, omdat financiële markten onvoorspelbaar zijn. Bij een lage rentestand, zoals nu, kunnen banken corporaties om tijdelijke bijstortingen vragen.

De woningcorporaties Portaal in Baarn en Wooninvest in Voorburg zijn wegens tekorten op derivaten onder verscherpt toezicht van het CFV geplaatst. De corporaties kunnen geen leningen krijgen om extra onderpand aan banken te geven.

Verder maant het CFV corporaties „zeer terughoudend” te zijn met tussenpersonen. Tussenpersonen zijn niet onafhankelijk, omdat ze verdienen aan transacties tussen corporaties en banken, aldus de toezichthouder. Soms deden corporaties al zaken met banken en is achteraf toch een tussenpersoon ingeschakeld. „Onbegrijpelijk”, zegt Van der Moolen.

Interview: pagina 24 en 25

    • Eppo König