Brief over KPN

Ik was niet de oorzaak van miljardenschuld van KPN

De ‘miljarden verslindende groeistrategie van KPN onder mijn leiding’ zou volgens Carl von Meyenfeldt (Opinie, 6 juni) de oorzaak zijn van de aanzienlijke daling van de waarde van de aandelen KPN.

De feiten. In december 1999 werd bekendgemaakt dat KPN E-Plus had verworven. De koers van het aandeel KPN explodeerde. Ook in de jaren daarna is E-Plus de grootste drager van de winstpotentie en cashflow van KPN, tot op de dag van vandaag.

Afgesproken werd dat, zodra de definitieve closing van de overname zou hebben plaatsgevonden, de acquisitie zou worden afgefinancierd met een emissie van aandelen KPN Mobiel of KPN, of een combinatie hiervan. KPN’s solvabiliteit was vóór de acquisitie ruim 40 procent en zou na de acquisitie en de emissie weer circa 33 procent zijn. Dit zijn buitengewoon solide getallen.

Toen – na mijn pensionering – het tijdstip van de emissie aanbrak, was de toenmalige leiding van KPN een vrijage gestart met Telefónica. Bij een emissie op dat moment zouden deze geheime onderhandelingen moeten worden gepubliceerd. Dit kwam slecht uit. Daarom werd besloten eerst ‘even’ de fusie met Telefónica te doen en daarna de emissie. Toen de fusie met Telefonica mislukte, had KPN een ongedekte exposure van 13 miljard euro. De noodzakelijke emissie werd opnieuw uitgesteld, in afwachting van een betere koers.

Niet lang hierna betaalde KPN een astronomisch bedrag aan, voor de toekomst volstrekt onmisbare, UMTS-licenties. De staat introduceerde via de UMTS-veilingen nog eens een belastingheffing vooraf.

Ook deze uitgaven moesten onverwijld met eigen vermogen – dus met uitgifte van aandelen – worden gefinancierd, maar opnieuw werd besloten de emissie uit te stellen.

De internetzeepbel begon uiteen te spatten. Er kwam geen marktherstel. KPN kwam in financiële nood – niet door de acquisitie van E-Plus, maar door het veronachtzamen van de fundamentele eis dat acquisities eerst moeten worden afgefinancierd voordat een volgende strategische stap wordt ondernomen.

Helvoirt

    • W. Dik