Bij Lobanovski begon victorie

De legendarische trainer Valeri Lobanovski boetseerde in Oekraïne drie keer een topteam. Oleg Blochin was zijn ster toen Dinamo Kiev in 1975 de Europa Cup 2 won, na onder meer winst op een sterk PSV. Elf jaar later maakte Blochin nog altijd deel uit van een nieuw wonderteam, dat Atlético Madrid in de finale declasseerde met volop beweging in alle linies. Superspits Andrei Sjevtsjenko gold eind jaren 90 als vedette in het laatste grote Dinamo-team van Lobanovski, die in 2002 overleed. Coach Blochin (59) en doelpuntenmaker Sjevtsjenko (35) waren gisteren de helden, toen EK-debutant Oekraïne in Kiev na een 1-0 achterstand toch met 2-1 won van Zweden. Op de tribune begonnen Oekraïense jochies, toppers van morgen, te dromen. En Lobanovski zag dat het goed was.

Verliezer

Zlatan kan het niet alleen

Een spits die zelf scoort, medespelers met schitterende passes alleen voor de keeper zet en alle duels wint: er zijn landen bij Euro 2012 die daar een moord voor doen. In Zweden geen enkele discussie wie in de spits moet spelen; de voetbalkwaliteiten van Zlatan Ibrahimovic (30) zijn onomstreden. Maar dan zet je jouw ploeg op een 1-0 voorsprong tegen Oekraïne en verlies je alsnog met 2-1. Ploeggenoten begrijpen je niet, missen goede kansen. Zie hem vechten met zijn frustratie, Ibracadabra, in het dagelijks leven vedette bij AC Milan. „Het was een sprookje en ik was Zlatan Ibrahimovic”, beschrijft hij zijn eigen leven in de biografie Ik, Zlatan. Maar in de nationale ploeg is een happy end ver weg.