Spanje en Italië verdringen hun crises met sterk openingsduel

Het Spaanse elftal wil de landgenoten laten lachen nu het land financiële noodhulp van de EU heeft moeten aanvragen. Het Italiaanse elftal hoopt dat de fans even het omvangrijke gokschandaal in eigen land kunnen vergeten. In Gdansk deelden de ploegen gisteren na een aantrekkelijke eerste groepswedstrijd bij het EK de punten: 1-1.

De Spaanse bondscoach Vicente Del Bosque hield gisteren zijn beide spitsen aan de kant. Hij koos voor vier verdedigers en zes middenvelders, naar het model van Barcelona. De wirwar van positiewisselingen en korte passjes was hetzelfde, maarCesc Fabregas bleef bleekjes in de rol van Lionel Messi. Zonder de Argentijn van Barcelona hadden de Spaanse middenvelders veel balbezit maar waren ze ongevaarlijk.

Terwijl de titelhouder in de eerste helft tegenviel, begon Italië frisser dan verwacht. Bondscoach Cesare Prandelli had met drie verdedigers, vijf middenvelders en twee aanvallers voor meer balans gezorgd. Daniele De Rossi, eigenlijk middenvelder, blonk uit als regisseur in de verdediging. Aanvallers Antonio Cassano en Mario Balotelli waren juist zonder bal het meest dreigend.

De wereldkampioenen van 2010 (Spanje) en 2006 (Italië) kregen op slag van rust hun beste kans van de eerste helft. Eerst lobde uitblinker Andrés Iniesta de bal over het doel van Gianluigi Buffon (genoemd in de gokaffaire). Een minuut later redde Casillas op een harde kopbal van Thiago Motta.

Spanje begon na rust offensiever, aan de hand van de slimme Iniesta, maar bood Italië veel ruimte. Eerst was Balotelli kansrijk nadat hij Sergio Ramos had afgetroefd. Hij nam echter te veel tijd voor een schot op doel. Prandelli wisselde zijn zorgenkind – met gele kaart op zak – voor Antonio Di Natale en werd beloond. De routinier van Udinese scoorde bij zijn eerste balcontact, na een pass van Andrea Pirlo.

De voorsprong van Italië hield slechts drie minuten stand. David Silva bediende de vrijgelopen Fabregas, die Buffon passeerde. Del Bosque wisselde daarop zijn doelpuntenmaker voor Torres. Die had meteen na zijn entree kunnen scoren, maar Buffon redde alert.

Met een diepe spits erbij kon Spanje vol op de aanval spelen, zeker omdat Italië het tempo niet meer kon bijbenen. Iniesta, Xavi en Torres misten echter een aantal kansen.