Noodtoestand in westen Birma na sektarisch geweld

In het westen van Birma is de noodtoestand uitgeroepen na meerdere doden bij sektarisch geweld.

Rangoon. Nadat zeven mensen afgelopen weekend zijn omgekomen bij sektarisch geweld in het westen van Birma, heeft president Thein Sein gisteravond de noodtoestand uitgeroepen in het gebied. Bij het geweld in de westelijke deelstaat Rakhine tussen boeddhisten en moslims vielen volgens de staatstelevisie ook 17 gewonden. Honderden huizen werden verwoest.

Het werd begin deze maand onrustig in de deelstaat die grenst met Bangladesh nadat een boeddhistische vrouw werd verkracht en vermoord. Uit wraak belaagden honderden boeddhisten een bus met de vermoedelijke daders. Tien moslims – niet de daders – kwamen bij die aanval om het leven. De lynchpartij had vrijdag rellen in twee verschillende delen van Rakhine tot gevolg. Het geweld sloeg in het weekend over op andere delen van de deelstaat.

President Thein Sein noemde de sektarische spanningen in het gebied een grote bedreiging voor de rust en democratische hervormingen in het land. In een toespraak op de nationale televisie noemde hij het geweld een gevolg van ontevredenheid, haat en constante drang naar vergelding.

De onlusten komen na jarenlange spanningen tussen de boeddhistische meerderheid en de zogenoemde Rohingya-moslims. De laatsten worden in Birma gezien als illegale immigranten uit Bangladesh. De Birmese overheid erkent de Rohingya-minderheid niet. AP, BBC