Noodtoestand in deel Birma na onlusten

In het westen van Birma zijn het afgelopen weekeinde heftige etnische onlusten uitgebroken tussen leden van de boeddhistische meerderheid en de Rohingya’s, een moslimminderheid. Daarbij zijn ten minste zeven mensen om het leven gekomen. Honderden huizen in de stad Sittwe en andere plaatsen gingen in vlammen op.

De Birmese president Thein Sein riep gisteren de noodtoestand uit. Hij waarschuwde dat „de stabiliteit en vrede, het democratiseringsproces en de ontwikkeling, die zich nu in een overgangsfase bevinden, ernstig kunnen worden aangetast”, als de Birmezen zich storten in etnische gevechten. De regering heeft marineschepen en extra troepen naar de deelstaat Rakhine gestuurd.

De onrust begon nadat er vorige maand geruchten in omloop raakten dat een boeddhistisch meisje zou zijn verkracht en vermoord door drie moslims. Op 3 juni namen boeddhisten wraak en lynchten tien moslims.

De Rohingya’s, in totaal zo'n 750.000 mensen, voelen zich al decennia te kort gedaan. Volgens de Birmese regering maken ze geen deel uit van de Birmese staat. Het buurland Bangladesh, waar tienduizenden Rohingya’s naar toe zijn gevlucht, aanvaardt hen echter evenmin als staatsburgers. (Reuters, AFP)