Molukkers boos over decoreren militairen die trein ontzetten

Binnen de Molukse gemeenschap is verontwaardigd gereageerd op het voornemen van demissionair minister Hillen (Defensie, CDA) militairen die 35 jaar geleden betrokken waren bij de beëindiging van Molukse gijzelingsacties in De Punt en Bovensmilde te decoreren.

In een dit weekeinde uitgegeven verklaring noemt de Molukse regering in ballingschap het plan van Hillen „schandalig en ongepast”. Volgens deze vertegenwoordiging bewijst dit dat de Nederlandse regering doorgaat met „de Molukse gemeenschap in Nederland te schofferen en deze tegen zich in het harnas te jagen”.

Het is vandaag precies 35 jaar geleden dat de kaping van een passagierstrein door Molukse jongeren bij De Punt in Drenthe na 20 dagen met een militaire actie werd beëindigd. Hierbij kwamen zes van de negen kapers en twee passagiers om het leven. Tegelijk met de treinkaping bezetten Molukkers een lagere school in Bovensmilde. De 105 leerlingen werden na vijf dagen vrijgelaten, maar vijf leerkrachten kwamen pas vrij nadat de school eveneens op 11 juni door mariniers met geweld was ontzet.

Minister Hillen schreef vorige week in zijn veteranennotitie „voornemens” te zijn „een draaginsigne in te stellen” voor militairen die bij beide bevrijdingsacties waren betrokken. Hij komt hiermee tegemoet aan de wens die het Eerste Kamerlid Van Kappen (VVD) vorig jaar uitte tijdens een debat over de Veteranenwet. Met een draaginsigne mogen militairen zich veteraan noemen.

Militairen van de Bijzondere Bijstandseenheid die de actie destijds uitvoerden hebben niet de veteranenstatus omdat zij niet aan de hiervoor geldende voorwaarden voldoen. Er was bijvoorbeeld geen sprake van oorlogsomstandigheden. Bovendien vond de actie niet in het buitenland plaats.

Voormalig Commandant der Strijdkrachten Dick Berlijn, die in 1977 als Starfighter-piloot meedeed aan de bevrijdingsactie, is tegen de decoratie. Volgens hem wordt hierdoor geen rekening gehouden met het verdriet van de Molukkers.