Column

Met de democratische rechtsstaat is niets mis

Je treft nog weleens een balorige dokter die vertelt dat je eigenlijk heel gezond bent. Geen afwijkingen gevonden aan de bulbus olfactorius? „Nee.” Alles in orde met de stratum spinosum? „Yep.” Verbouwereerd loop je de spreekkamer uit. Hoe heeft Google zich zo kunnen vergissen?

Zulke opgewekte artsen zijn, als ze tenminste gelijk hebben, helden in een wereld die baat heeft bij het stellen van alarmerende diagnoses en het uitbreiden van de markt voor behandelingen en medicijnen. In het algemeen heeft de medische sector geen direct belang bij je gezondheid. Net zomin als garages er belang bij hebben dat je auto vanzelf blijft rijden of intellectuelen er belang bij hebben dat het goed gaat met de wereld.

Het verschijnsel van de alarmerende diagnose staat bekend als disease mongering. Dit verspreiden van ziektes, door gezonde situaties te beschrijven in termen van een aandoening of een afwijking, kom je in iedere beroepsgroep tegen. En dan vooral onder beroepsbeoefenaren die meer geïnteresseerd zijn in hun baan dan in hun opdracht. Zo hoor je in mijn eigen branche zelden iemand zeggen dat het onderzoek naar het Zijn eigenlijk wel klaar is. Dat op het boek van collega X. niets valt aan te merken. Dat het prima gaat met de immigratie, de solidariteit en de mentaliteit van het Nederlandse volk. In de wereld van het denken en het publieke debat is in principe alles mis.

Zo kan het ook gebeuren dat tegenwoordig de democratie als een beschadigd goed van hand tot hand wordt doorgegeven onder internationale denkers. Ergens aan de overkant van de oceaan heeft iemand het pakketje democratie aan de balie in ontvangst genomen toen een verontruste burger ermee aan kwam zetten. De baliemedewerker heeft er een briefje op geplakt. Broken. Needs work. Sindsdien dwaalt het over de werkplaats en iedereen sleutelt eraan.

Nou zitten er van oudsher al wel gaten in de democratie en er werd al vaker aan gesleuteld. Het grootste probleem was altijd de normatieve lacune: de uitkomst van een democratisch proces hoeft immers niet rechtvaardig te zijn. Of bevorderlijk voor ieders welzijn. Of moreel goed. Daarom zijn in de loop van de geschiedenis de diverse grondwetten en constituties opgesteld, en vervolgens de mensenrechten. Al dat recht beschermt de kwetsbare mens tegen de democratie.

De oude vraag is dus steeds geweest of grondrechten het gat in de democratie inderdaad kunnen dichten. Of het recht de mens kan verdedigen tegen de druk van politiek en volk. Het begrip ‘democratische rechtsstaat’ wordt vaak achteloos gebruikt, alsof het een onproblematische eenheid is, maar de begrippen ‘democratie’ en ‘rechtsstaat’ wringen onderling. Ze moeten met moeite op elkaar worden afgestemd. Daarom vereist zelfs een goed functionerende democratie altijd werk: olie verversen, riemen afstellen, tandsteen verwijderen en af en toe wat oefentherapie.

Maar nu is er dus een nieuwe, alarmerende diagnose. Op de werkbon staat een nieuwe, urgente klacht: omdat besluitvormingsprocessen tegenwoordig de landsgrenzen overschrijden, hebben de burgers het gevoel als kiezers invloed te verliezen. Wat te doen? Zullen we de democratie dan maar helemaal slopen? Afzwakken? Versterken? De representatieve democratie halsoverkop omzetten in een directe democratie? Er wordt hard gezaagd en getimmerd in de werkplaats, iedereen is opeens volop aan het werk.

Wat in al deze ijver dreigt te worden vergeten, is dat verderop een al even alarmerende diagnose wordt gesteld over de rechtsstaat. Althans, over de grondwetten die staten tot rechtsstaten maken. In een globaliserende wereld verliezen ook die nationale oplossingen hun overtuigingskracht, luidt de klacht aan deze verderop gelegen balie. En de mensenrechten kunnen hun claim van universele geldigheid niet waarmaken. Kortom, het recht is al net zo goed stuk en heeft dringend de hulp nodig van mensen die er verstand van hebben.

Zo zijn er dus twee opgewonden gesprekken gaande. Twee dringende diagnoses worden gesteld. De democratie is ziek en de rechtsstaat is ziek en er moet duur en deftig worden behandeld. Best. Tenminste, het zou allemaal best zijn, ware het niet dat die twee diagnoses worden gesteld door twee groepen specialisten die niet van elkaars bestaan weten en die niet met elkaar overleggen. De ene groep geeft de regering het advies de democratie op haar kop te zetten, de andere groep geeft de regering met klem het advies de mensenrechtenverdragen overboord te kieperen.

Heel fijn. Het ene moment is er niets aan de hand, het andere moment heb je vaarwel gezegd tegen de democratische rechtsstaat, een prima uitvinding waaraan eeuwen is geschaafd en waarvoor geen alternatief voorhanden is. Van zulke diagnoses wordt niemand beter.

Laten we de zaak eens omdraaien. De democratie is niet kapotter dan anders en van de Grondwet is transnationaal best wat te maken. We verklaren ze gezond. We gaan ze niet in quarantaine plaatsen, integendeel, we gaan ze zelfs vers introduceren in dat spannende, onontdekte, wilde nieuwe continent: internet. (Inderdaad, dit is een cliffhanger. Wordt vervolgd.)