'Ik wil vooral zelfstandig zijn'

Lisanne van Oort (23) studeert een half jaar politicologie aan de Universiteit van Granada, Spanje. In Nederland doet zij European Studies aan de Haagse Hogeschool. „De eerste maanden zag je de buitenlandse studenten in de collegezaal glazig voor zich uitkijken. De docenten hier gebruiken geen powerpointpresentaties. Zij praten twee uur vol en wij moeten aantekeningen maken. Spaanse studenten schrijven in één college zo een heel boekje vol. Na een paar maanden went dit en kan je het bijhouden. Voor mij blijft alles beter hangen als er meer interactie is. Dan ben je meteen met de stof bezig. Nu moet je er zelf meer van maken. Je krijgt ook veel meer literatuur mee. En dat moet je ook echt allemaal lezen. Het niveau is hier wel lager dan in Nederland, maar omdat het in het Spaans is wordt het moeilijker. Dat is de indruk die ik van meer buitenlandse medestudenten krijg. Ik kan hier geen zesje halen met alleen colleges volgen. Maar zonder de taalbarrière zou het minder veeleisend zijn dan thuis. Ik vind het vooral belangrijk dat ik deze maanden zelfstandiger wordt. In je eentje naar een ander land gaan, waar je leert met een andere cultuur om te gaan. Ik moest laatst een presentatie met drie Spaanse studenten voorbereiden. Ik wilde ruim van te voren afspreken. Zij vonden een dag van te voren wat in elkaar flansen ook wel goed. Ook de universiteit is niet heel strikt met procedures. Soms is dat fijn. Zo zijn deadlines niet heilig. Meestal kan je iets wel een dag of wat later inleveren. Maar toen ik lang moest wachten op een collegekaart, was het juist irritant. Spaanse studenten zijn niet erg geïnteresseerd in de Erasmus-studenten. Die klitten vooral met elkaar samen. In het studentenhuis waar ik met een Franse en Sloveense student woon, is de afspraak dat we Spaans spreken. Met andere Nederlanders hier probeerden we dit aanvankelijk ook, maar dat hielden we dan een kwartier vol.”

    • Merijn de Waal