Een buitenlandse student, wat schuift dat eigenlijk?

Al die buitenlandse studenten die in Nederland een opleiding volgen– levert dat wel wat op? De Tweede Kamer was er niet gerust op toen vorig jaar bekend werd dat er veel meer buitenlandse studenten naar Nederland komen dan er Nederlandse studenten naar het buitenland gaan. Het migratieoverschot bedroeg in 2008, het meest recente jaar waarvan cijfers beschikbaar zijn, 14.000 studenten.

Omdat de overheid jaarlijks 6.000 euro bijdraagt aan de opleiding van iedere student, kost de internationale studentenmobiliteit Nederland op de korte termijn geld. Staatssecretaris Zijlstra (Onderwijs, VVD) gaf het Centraal Planbureau (CPB) de opdracht een uitgebreide kosten-batenanalyse te maken.

De resultaten hiervan werden deze maand bekend. Als genoeg buitenlandse studenten ervoor kiezen om na hun studie hier te blijven, brengt dat via belasting- en premie-inkomsten geld binnen. Als één op de vijf studenten blijft, levert dat per jaar 740 miljoen euro op. Pas als minder dan één op de veertig studenten na het afstuderen in Nederland blijft, bezorgt de migratie de Nederlandse overheid ook op de lange termijn een verlies.

Staatsecretaris Zijlstra kondigde onmiddellijk maatregelen aan die ervoor moeten zorgen dat meer buitenlandse studenten hier na hun opleiding blijven plakken. Toch houden de parlementariërs hun twijfel. Al die opleidingen waar in het Engels wordt gedoceerd, is dat nu wel echt nodig? De Tweede Kamer houdt er vandaag een hoorzitting over.

Terwijl de Nederlandse politiek worstelt met de praktische gevolgen van de internationalisering van het hoger onderwijs, trekken universiteiten en hogescholen voorwaarts. Ze bieden hun opleidingen aan op hoger onderwijsbeurzen in Duitsland, werven in het Verenigd Koninkrijk omdat daar de meeste universiteiten het collegegeld hebben verhoogd tot 9.000 pond per jaar. Ze werpen ook begerige blikken op de Chinese student, want omdat die van buiten de EU komt, kan zijn collegegeld oplopen tot 10.000 euro.

Deze bijlage, in zijn geheel gewijd aan het hoger onderwijs, laat zien dat dit een vechtmarkt is geworden. Landen azen op buitenlandse studenten. Een van de eerste maatregelen van de nieuwe regeringen in Moskou en Parijs is het gemakkelijker maken voor buitenlanders om te komen studeren, in de hoop dat deze hoger opgeleiden blijven.

En die miljoenen mobiele studenten, wat zoeken zij in den vreemde ? Westerse jongeren gaan in het buitenland studeren voor ‘de ervaring’. Het Duitse weekblad Die Zeit, zo schrijft Marc Leijendekker op pagina zes, zette onlangs kritische kanttekeningen bij het studeren in het buitenland. Veel studenten zouden hun Erasmusbeurs zien als een kaartje voor „het grootste zuip- en seksexces van Europa”. Maar studenten van buiten Europa, uit landen als Zuid-Korea, Zimbabwe of Sri Lanka zeggen op pagina drie vooral op zoek te zijn naar het beste onderwijs en ze willen keihard werken. En, opmerkelijk, de student uit Lissabon ontdekt dat het onderwijs aan de universiteit in Rio stukken moderner dan in Portugal.

    • Bart Funnekotter