De eerste tachtig turbodagen van de nieuwe PvdA-leider

Hij is snel, hij is besluitvaardig en hij kent bijna alle Haagse dossiers. Samsoms partijgenoten zijn blij met hun nieuwe leider. Nu zien wat het gaat opleveren bij de verkiezingen.

Diederik Samsom is twintig dagen politiek leider van de PvdA als Kamerlid John Leerdam zich laat foppen door een radioverslaggever. De PvdA’er doet alsof hij alles afweet van ‘straatterrorist’ Jael Jablabla, die niet blijkt te bestaan. Ook verzint hij dat vice-fractievoorzitter Jeroen Dijsselbloem al commentaar op de kwestie Jablabla heeft gegeven.

De volgende dag roept Samsom het Kamerlid bij zich op zijn fractievoorzitterskamer. De boodschap is: Leerdam moet zijn Kamerzetel opgeven, zijn reputatie is te zeer beschadigd. Leerdam aarzelt. Hij wil eerst naar huis, met zijn vrouw praten. Nee, zegt Samsom: „Jij en ik gaan niet uit elkaar voordat je je aftreden bekend hebt gemaakt.” Nog dezelfde avond stapt Leerdam op.

Bijna drie maanden is Diederik Samsom nu leider van de PvdA. Zijn partijgenoten zijn blij. Hij leert snel, zeggen ze. Hij durft keuzes te maken. „Ik stond er met verbazing naar te kijken hoe vastberaden hij met die kwestie omging”, zegt Dijsselbloem.

Maar wie goed luistert naar de lofzangen op Samsom, hoort ook opluchting over het vertrek van Job Cohen. Als spiegelbeeld van zijn voorganger – snel, besluitvaardig, op de hoogte van vrijwel alle Haagse dossiers – kan de vergelijking alleen maar positief uitpakken. De verkiezingen van 12 september zullen uitwijzen wat die blijdschap waard is: dan moet blijken of Samsoms leercurve steil genoeg is geweest.

Op dinsdag 20 maart zit Samsom in de trein van Leiden naar Den Haag, op weg naar de wekelijkse fractievergadering. De vrijdag ervoor is hij door de PvdA gekozen als partijleider. In de treincoupé neemt Samsom felicitaties van medereizigers in ontvangst. Leuk, en lastig. Hij probeert tegelijkertijd gevoelige telefoongesprekken te voeren met leden van de fractie die hij gaat leiden. Samsom wil een nieuw fractiebestuur.

Onder Job Cohen was dat bestuur – weinig zichtbaar, maar van groot belang in de Haagse pikorde – flink uitgedijd. Zeven Kamerleden bestuurden een fractie van dertig mensen. Fractieleden maakten er grappen over: „Wat, zit jij níét in het bestuur?”

Van de oude groep is Hans Spekman al vertrokken, hij is partijvoorzitter geworden. Nu Samsom de leiding heeft, moeten ook oudgedienden Sharon Dijksma, Mariëtte Hamer, Jetta Klijnsma en Jacques Monasch weg. Vice-fractievoorzitter Jeroen Dijsselbloem mag blijven zitten. Pierre Heijnen gaat als fractiesecretaris het werk van Hamer en Klijnsma doen, en Roos Vermeij vervangt Spekman als hoofd communicatie en campagne. Vier mensen: zo’n compact bestuur is voor de PvdA-fractie een zeldzaamheid.

Tijdens die eerste vergadering roept Samsom alle medewerkers erbij. De zolderzaal van het Kamergebouw zit stampvol. De nieuwe leider houdt een peptalk. Het zelfvertrouwen moet terug. Voor minder dan dertig zetels doet hij het niet bij de volgende verkiezingen. En bovenal: de PvdA moet weer duidelijke keuzes maken.

Wat dat laatste inhoudt, wordt snel duidelijk. Samsom wil niet wachten op de uitkomsten van de bezuinigingsonderhandelingen die de gedoogcoalitie van VVD, CDA en PVV sinds enkele weken in het Catshuis voert. Dat is hem te passief. De enige manier om als oppositiepartij weer „kleur op de wangen” te krijgen is door zélf met een geloofwaardig alternatief te komen. Niet iedereen is meteen enthousiast: Kamerleden als Frans Timmermans en Ronald Plasterk uiten hun twijfel. Ze zijn bang dat de partij zich te kwetsbaar opstelt. Je kent Maxime Verhagen toch, zegt één van hen. Dit gaat hij allemaal tegen ons gebruiken.

Samsom zet door. Op 10 april presenteert hij in het Haagse Museum voor Communicatie een ‘zevenpuntenplan’ om Nederland uit de crisis te halen. Het document is door een klein gezelschap in een weekend in een hotel in Zwolle in elkaar gezet. Naast de leider zijn dat Dijsselbloem, Plasterk en partijvoorzitter Spekman. Samsom heeft haast: vergaderingen worden niet uitgesteld als parlementariërs verhinderd zijn, zoals onder Job Cohen. „Sommige fractieleden willen overal eindeloos over praten”, zegt Kamerlid Lea Bouwmeester. „Maar politiek is ook snelheid maken.”

Veel impact in de media heeft Samsoms zevenpuntenplan niet, al bevat het document enkele radicale keuzes: geen marktwerking meer in de zorg, 100 procent duurzame energie in 2050. Maar op de partij heeft het een heilzame uitwerking. „Voor het zelfvertrouwen heeft het veel goeds gedaan”, zegt Jeroen Dijsselbloem. „Het volstaat niet om alleen te roepen dat alles wat het kabinet doet asociaal is.” De twijfelaars in de fractie geven naderhand royaal toe dat ze ongelijk hadden.

Elf dagen later valt het kabinet-Rutte. Met het plan heeft de PvdA een blauwdruk in handen voor het verkiezingsprogramma, dat Samsom afgelopen donderdag presenteerde. Het schrijven ervan gaat zoals men intussen van Samsom gewend is: snel, intens, in klein gezelschap. Er werd regelmatig tot laat in de avond vergaderd, vertelt de voorzitter van de programmacommissie, de Rotterdamse wethouder Marco Florijn. De beslissende sessie was tijdens het warme pinksterweekend, in Hotel Mitland in Utrecht. „Op vrijdagavond vergaderden we tot twee uur ’s nachts, de volgende ochtend zaten we om vijf uur weer klaar. Diederik vloog het hele weekend in en uit, om te flyeren in de stad.”

In Leiden heeft de familie Samsom op vrijdagochtend een cameraploeg op bezoek om voor een campagnespotje het ochtendritueel te filmen: ontbijten, tandenpoetsen. Het busje dat zijn elfjarige dochter Benthe ophaalt. Samsom die zijn zoon Fane op de fiets naar school brengt.

Later op de ochtend zijn de camera’s verplaatst naar het Indonesisch restaurant Garoeda in Den Haag. Daar doet Samsom de voice overs en head shots voor het filmpje. Tientallen keren herhaalt hij zijn verhaal. Ook als de regisseur tevreden is, wil Samsom door. Nog een keer. Zijn voorlichter Saar van Bueren geeft instructies: lager ademen, zonder frons, jasje recht. Hij spreekt over zijn gehandicapte dochter: „Lopen kan ze al. We werken nu hard aan lezen en schrijven.”

Het is voor het eerst dat een Nederlands politicus zijn eigen familie zo expliciet onderdeel van de campagne maakt. Het lijkt een logische zet voor een man die gefascineerd is door de Amerikaanse politiek, en zo’n groot fan is van de politieke serie West Wing dat hij de plot van zowat alle afleveringen uit zijn hoofd kent. En het is vanzelfsprekend: Samsom zit om zijn kinderen in de politiek, zegt hij.

Samsom is de laatste maanden veranderd. Al snel na zijn verkiezing liep hij in nieuwe pakken. Van Drykorn, gekocht samen met voorlichter Van Bueren. Ook beheerst hij zich meer in tv-optredens en Kamerdebatten. Neem het gesprek met VVD-fractievoorzitter Stef Blok in tv-programma Knevel & Van den Brink, twee weken geleden. Bloks openingszin: „Het is altijd lastig aan een socialist uit te leggen waarom je niet meer geld moet uitgeven dan je binnenkrijgt.” Samsom hoort de VVD’er aan, laat zich niet verleiden tot een hatelijk weerwoord, maar legt rustig uit waarom de PvdA iets anders wil dan de VVD. Zo’n ingehouden reactie had niemand in zijn omgeving een paar maanden geleden van Samsom verwacht.

In de politieke arena overtuigt Samsom in eerste instantie minder dan binnen zijn eigen partij. In de schermutselingen rond het Lenteakkoord krijgt hij veel kritiek. Pers, politici en publiek zijn enthousiast over het akkoord van VVD, CDA, D66, GroenLinks en ChristenUnie. Waarom heeft bestuurderspartij PvdA zich niet bij de vijf aangesloten? Met deze historische vergissing, vinden commentatoren, heeft de PvdA zich aangesloten bij de neezeggers van SP en PVV. Prominente partijgenoten, zoals de Amsterdamse wethouder Lodewijk Asscher, zeggen dat de PvdA wel akkoord had moeten gaan.

Het eerste debat over het Lenteakkoord is voor Samsom de eerste serieuze krachtmeting met Mark Rutte, Emile Roemer en Geert Wilders en Sybrand van Haersma Buma – zijn belangrijkste opponenten in de komende verkiezingsstrijd. Hij maakt een onzekere indruk. „Ik heb wel eens betere dagen gehad”, zegt Samsom aan de interruptiemicrofoon. Tijdens een partijraad in Utrecht, twee dagen later, wordt de PvdA-leider veelvuldig tot de orde geroepen door de achterban. „Ik vind het verdrietig dat we niet meedoen met het ‘Kunduz-akkoord”, zegt een bezorgd partijlid.

Intern blijft de kritiek beperkt, ook omdat de ontwikkelingen geen verrassing zijn. Dijsselbloem: „We hebben het er van tevoren uitgebreid over gehad wat er moest gebeuren als het Catshuis klapt en de Kunduz-coalitie zichzelf in de aanbieding doet.” Binnen de fractie overheerst de steun voor Samsom: dit akkoord zou geen PvdA’er moeten willen tekenen.

Het gemanoeuvreer rond het Lenteakkoord legt wel een blijvende kwetsbaarheid van de PvdA bloot: de continue strijd tussen bestuurlijk realisme en principiële stellingname. In de 48 uur dat de vijf partijen het Lenteakkoord sluiten, verandert Samsom twee keer van mening. Eerst vindt hij de eis van maximaal 3 procent begrotingstekort funest voor de economie. Een dag later is hij bereid er toch aan te voldoen, om te voorkomen dat hij als onredelijk wordt weggezet. Wanneer de vijf partijen de PvdA toch buiten het Lenteakkoord houden, valt hij terug op zijn eerste verhaal.

Een maand later zijn de omstandigheden veranderd. Nu gevolgen van de begrotingsdeal tastbaar worden, is de kritiek op de afzijdigheid van de PvdA verminderd. Tijdens het tweede debat over het Lenteakkoord blijft Samsom zonder moeite overeind. Wanneer D66-leider Pechtold het verschil tussen het Lenteakkoord en de bezuinigingsplannen van de PvdA „een fotofinish” noemt, antwoordt Samsom: „Het verschil is significanter. Vraagt u het maar aan de 24.000 mensen die de afgelopen maand werkloos zijn geworden.”