Crisis bij Spaanse banken dreigender

Een Spaans verzoek om noodgeld lijkt onafwendbaar. Madrid wil niet onder curatele komen te staan en pleit voor beperkte steun in ruil voor beperkte externe bemoeienis.

De druk op Spanje groeit om snel Europese noodleningen voor zijn wankele bankensector te vragen. Mogelijk zou het land dit weekeinde al met een formeel hulpverzoek komen. Persbureau Reuters meldde vrijdag dat hiervoor zaterdag een telefonische vergadering van de zeventien ministers van Financiën in de eurozone staat gepland. Spanje wilde dit vrijdag ontkennen noch bevestigen.

De situatie in de muntunie verslechtert zo snel dat het onvermijdelijk lijkt dat Madrid vóór het eind van de maand hulp krijgt.

Madrid verzet zich tegen een volledige interventie. Het land is hiervoor te trots en te groot. Spanje is geen klein land aan de uiterste rand van de EU zoals Portugal, Griekenland en Ierland. Het is geen perifeer en onbeduidend land dat toestaat speelbal te worden van het IMF en de Europese instellingen. Spanje ligt in het hart van de monetaire unie en is de vierde economie van de eurozone. De rest van Europa vreest vooral de omvang van Spanje. De rekening voor een volwaardig reddingspakket, waardoor Spanje de komende jaren niet hoeft te lenen op de kapitaalmarkten, is voor de andere eurolanden onacceptabel hoog.

De Spaanse premier Rajoy spreekt ook over een mogelijke redding van de Spaanse banken. Hij heeft het niet over de redding van de Spaanse staat. Het zijn de banken die sterk zijn geraakt door de vastgoedcrisis en kapitaalvlucht naar Noord-Europa.

Spanje zou hiermee als eerste gebruikmaken van een EU-besluit uit juli 2011. Sinds de oprichting in 2010 was crisisfonds EFSF er alleen voor wankelende overheden. Maar afgelopen zomer spraken regeringsleiders af dat een lidstaat ook kan lenen om banken te stutten. Het permanente noodfonds ESM, dat in juli in werking treedt, voorziet hier ook in. Ook steun via het EFSF aan banken loopt via de regering van het betreffende land. De staat blijft aansprakelijk voor terugbetaling.

De inzet van onderhandeling lijkt nu: waar krijgt Europa in ruil voor zijn miljarden zeggenschap over? Om die vraag te beantwoorden, werd in juli de ‘Handleiding voor Herkapitalisatie van Financiële Instellingen’ aan het bestaande EFSF-verdrag toegevoegd. Het zes pagina’s tellende document is het product van een typisch Europees compromis. Zowel Spanje als Noord-Europa – dat zo streng mogelijke afspraken wil – kan er eigen argumenten uit pikken.

Madrid wijst graag op een bepaling die stelt dat de „voorwaardelijkheid een meer gerichte vorm” kan hebben. Hieronder zou Spanje alleen toezicht en bemoeienis bij het opschonen van zijn financiële sector hoeven accepteren. De Spaanse minister van Financiën Montoro suste deze week dat „de mannen in het zwart niet zullen komen”. Hij verwees hiermee naar de gezanten die de trojka van de Commissie, ECB en IMF naar ‘geredde’ landen Ierland, Portugal en Griekenland stuurt.

Toch kan Spanje straks bezoek verwachten uit Brussel, Frankfurt en Washington. De problemen bij vooral de semipublieke spaarbanken (cajas) zijn de laatste vier jaar stelselmatig onderschat. Lokale politici in hun besturen hielden werkelijke opschoning tegen omdat ze hun financiële speeltje niet wilden verliezen. Het is onvermijdelijk dat Europa controle wil over de herstructurering van de cajas. Maar Noord-Europa wil meer. „Het EFSF is in twee paniekerige nachten opgericht en vereist nog verfijning”, zegt een diplomaat uit een groot Noord-Europees land. Hij wijst op een bepaling die voorschrijft dat een land dat in aanmerking wil komen voor een bankenredding ook een gezond begrotingsbeleid moet voeren. „Ik kan me voorstellen dat Europa meer zicht wil op de financiën van de regio’s.” Die hadden de afgelopen jaren de meeste moeite hun boekhouding op orde te krijgen.

Behalve over de voorwaarden ontbreekt duidelijkheid over het bedrag dat nodig is. Zowel Madrid, Europa als het IMF lijkt aan te sturen op 30 à 40 miljard euro. Veel analisten zijn pessimistischer en rekenen op 100 miljard. De consensus bij beleidsmakers in de eurozone lijkt dat een hoger bedrag de onrust in de muntunie momenteel te veel aanwakkert.

Daarmee is allesbehalve uitgesloten dat het zwarte gat bij de Spaanse banken na een redding verder uitdijt. Zeker zodra buitenstaanders eens goed in de Spaanse boeken kunnen kijken.