Superaardige Polen!

Gezien op de Nederlandse tv, in het afgelopen jaar: reportages over overlast veroorzakende Polen; over Polen die onze gratis daklozenopvang in Nederland heel fijn vinden; over Poolse/Oost-Europese vrachtwagenchauffeurs die zich misdragen op ons wegennet, en ook daarbuiten, omdat ze geen 50 eurocent (1 gulden en 10 cent) willen betalen om te mogen pissen; over Polen die veel te hard werken en daardoor de paradijselijke rust op onze arbeidsmarkt verstoren.

Hooligans, zuiplappen, koperdieven, brokkenpiloten, antisemitisme, racisme – nee, leuk is het nooit als het in Nederland over Polen gaat. Wel gemakzuchtig en simplistisch. Maar hoe anders is dat nu, zo vlak voor het EK. Ik geloof al dagen mijn ogen en oren niet.

Ik bedoel, zet de tv maar aan: Jack van Gelder die keuvelt over het EK tegen de achtergrond van Krakau – een zowaar oogstrelende stad met, voor de verandering, aardige Polen! Zoals de oude trompetblazer van de Mariakerk, die elk uur in alle windrichtingen de traditionele hejnal ten gehore brengt – en af en toe bovenin de kerktoren een pizza laat bezorgen. Of dat snoezige Poolse kinderkoor dat bij wijze van welkom in het Nederlands ‘Hup Holland Hup’ zingt, inclusief ontroerend slechte uitspraak. („Met zwaar Oost-Europees accent”, zou Opsporing Verzocht zeggen.)

Vervolgens is daar Robert Maaskant, ex-trainer van Wisla Kraków, die tijdens een wandeling door zijn vroegere woonplaats om de haverklap hartelijk wordt gegroet, door gewone, nuchtere, ja, sympathieke Polen – ze donderen bijna van hun fietsen om hem de hand te mogen schudden.

En hop, opeens zit je in het (zowaar moderne) Wisla-stadion, waar onze jongens tijdens een weinig spectaculaire training worden toegejuicht alsof het ‘voor het echie’ is – door maar liefst 25.000 superaardige Polen!

In de aanloop naar het EK hebben de Polen zich vaak afgevraagd of zo’n voetbalfestijn eigenlijk wel wat oplevert. Uit de tijd dat ik in Warschau correspondent was herinner me in het bijzonder een reportage in dagblad Gazeta Wyborcza, over hoe Zuid-Afrika na het WK in 2010 was blijven zitten met peperdure, verliesgevende stadions – een lot dat veel gastlanden lijkt te treffen en waar Polen, met zijn magere voetbalcompetitie, waarschijnlijk ook niet aan ontkomt.

Maar na een paar dagen NOS Studio Sportzomer weet ik het zeker: het EK is het beste wat de Polen kon overkomen. Zelden in zo’n korte tijd zoveel leuke items over Polen voorbij zien komen. Het lijkt wel een normaal land.

En de zomers zijn er nog warm ook.

Stéphane Alonso is voormalig correspondent in Polen voor NRC Handelsblad en werkt nu als redacteur bij nrc.next.

    • Stéphane Alonso