Haal nieuws uit het datawarenhuis

Journalisten en ontwerpers zoeken naar nieuwe vormen van onderzoeksjournalistiek. Geen verhalen meer, maar games, apps of websites. Alles mag, als de informatie maar toegankelijk wordt.

Het project Shippr brengt de mondiale scheepvaart in kaart. Schepen kunnen digitaal ‘inchecken’ bij een haven, zoals particulieren bij Foursquare. Het Havenbedrijf Rotterdam is geïnteresseerd.

De opdracht in het spel: ontduik zo veel mogelijk belasting. Wie neem je dan als adviseur, iemand van KPMG of die vlasbesnorde jongeling die voor een onbekende bank op de Kaaimaneilanden werkt? Dat kan nogal een verschil maken. Maar je moet straks wel een kloppend jaarverslag indienen.

Grafisch ontwerper Femke Herregraven was er niet op uit om de belasting te ontduiken, maar om iets te ontwerpen dat laat zien hoe belastingparadijzen werken. Het werd een game, Taxodus. Ze ontwikkelde het spel met onderzoeksjournalisten Siem Eikelenboom en Gaby de Groot van Het Financieele Dagblad. Herregraven: „Taxodus is een vorm van ‘speculative mapping’, het laat zien hoe geldstromen kunnen lopen.”

Een game, een app of een infographic kan complexe materie inzichtelijker maken dan een tekst in de krant of de zoveelste staafdiagram. De journalistiek weet internet steeds beter te benutten: eerst om zelf onderzoek te doen, vervolgens om de resultaten op een toegankelijke manier aan lezer of kijker te presenteren.

Nieuwe technologie levert dus nieuwe instrumenten op voor de journalist – maar hoe zien die eruit, wat zijn de nieuwe manieren om informatie te vinden en over te brengen? Het Mediafonds en het Sandberg Instituut, de masteropleiding van de Rietveld Academie, organiseerden het afgelopen half jaar de masterclass ‘Curating Reality’ voor een aantal onderzoekers, grafische vormgevers en journalisten van kranten en televisie. Het was de twaalfde in een reeks, altijd interdisciplinair maar steeds met een ander thema. Gisteren presenteerden de acht teams van dit jaar hun ideeën in filminstituut Eye in Amsterdam.

Gympen, computers, olie, iPhones. Liefst negentig procent van de spullen waarmee we ons dagelijks leven stofferen zijn per schip over de zee gekomen. Maar wat weten wij als gebruikers van die wereldomspannende handelslijnen? Onderzoeker Juha Van ’t Zelfde van bureau Non-fiction en grafisch ontwerper Maurits de Bruijn hebben met ‘Shippr’ een manier ontwikkeld om online de mondiale scheepvaart in kaart brengen. Geen onderzoeksjournalistiek in de zin van het onthullen van een schandaal, wel een middel om een groot maar onbekend fenomeen in kaart te brengen. Van ’t Zelfde. „Wij brengen allerlei data samen over de scheepvaart: de schepen zelf, de eigenaar, de lading, waar ze allemaal geweest zijn, maar ook het weer en de activiteit van de bemanning op sociale media. Er is al een enorm hoeveelheid data beschikbaar, maar dat brengen we bij elkaar en rangschikken het in een ‘datawarenhuis’ zodat het voor iedereen toegankelijk is.”

De bedenkers zijn nog een stap verder gegaan en hebben zich afgevraagd: kunnen schepen ook meedoen met de sociale media? Als ik bij Starbucks binnenloop en incheck op Foursquare, zodat mijn vrienden weten dat ik er ben, dan kan een schip ook bij de ertshaven of het boorplatform inchecken. „Dan weten hun ‘vrienden’ – de vuilnisophaaldiensten, de waterleveranciers, de bunkeraars – ze sneller te vinden.” Van ’t Zelfde is deze week, nog voor de officiële presentatie, al bij het Havenbedrijf Rotterdam uitgenodigd om te komen brainstormen over wat Shippr zou kunnen betekenen voor de efficiëntie van de vrachtafhandeling.

Het Shippr-team heeft zich in de scheepvaart verdiept, maar deze methode kun je op elk onderwerp toepassen, zegt Dimitri Nieuwenhuizen, een van de begeleiders van de masterclass en zelf onderzoeker bij het Haagse ontwerpbureau LUST. „Een database is een wanhopig makende hoeveelheid gegevens. Je hebt er pas iets aan als je er ordening in aan brengt. Dan kun je er betekenisvolle feiten uit destilleren.”

Een ander team in de masterclass heeft zich beziggehouden met het helder maken van een nog veel ondoorzichtiger fenomeen: overheidshandelen. Ontwerpers Daniel van der Velden en Vinca Kruk van bureau Metahaven hebben met kunstenaar Jonas Staal en onderzoeksjournalist Brenno de Winter een manier bedacht om overheidsdocumenten toegankelijk te maken. Ze noemen het ‘0. (spreek uit: nulpunt), Naar een democratie zonder geheimen’.

„Ons voorstel is gebaseerd op een situatie waarbij alle documenten openbaar zijn”, legt Daniel van der Velden uit, „tenzij er zwaarwegende redenen zijn waarom ze geheim moeten blijven. Dat is ook waar GroenLinks naar toe wil met het wetsvoorstel dat Kamerlid Mariko Peters maandag in de Tweede Kamer indiende. Zij vindt het hoog tijd om de Wet Openbaarheid van Bestuur (WOB) te vernieuwen. Nederland staat in Europa onderaan wat betreft de mogelijkheden van de burger om overheidsdocumenten in te zien.”

0. is een kruising tussen Twitter en WikiLeaks. De stortvloed aan documenten die onder een vernieuwde WOB doorlopend binnenstromen in een publieke database kun je met 0. doorzoeken. Je kunt relevante passages markeren, van commentaar voorzien en met anderen delen. Van der Velden: „Dit is een nieuw instrument waarmee burgers hun overheid kunnen controleren en vormgeven. Die digitale markeerstift is voor de burger wat de zwarte stift was voor de censor.” IJsland, dat op het punt staat een dergelijke wet in te voeren, heeft al belangstelling getoond voor 0.: als die wet er door is komen er enorme hoeveelheden overheidsdocumenten die gelezen en doorzocht moeten kunnen worden.

Brenno de Winter, blogger onder der de naam ‘bigWOBber’ en journalist van het jaar 2011, vindt 0. een ideaal instrument voor de onderzoeksjournalist. „Door de documenten doorzoekbaar te maken breng je snel een publiek debat op gang.” En in een minder ideale wereld, waar de journalist nog steeds ieder document apart moet opvragen en maar moet hopen dat ie het krijgt? „Ook dan is het supermooi. Als de ambtenaar ziet dat de burger er wat mee doet heb je al meer gesprek dan nu, met de ‘zij tegen ons’ houding. De conclusie is namelijk vaak dat de overheid wel degelijk goed werk heeft geleverd.”

Crisis in de journalistiek? Integendeel, schrijven de initiatiefnemers op www.curatingreality.nl. „Er lijkt eerder sprake van een sterke vernieuwing in het vakgebied dankzij de vele nieuwe mogelijkheden.” Die kunnen ook overweldigend zijn, zegt begeleider Dimitri Nieuwenhuizen. „Er is ongelooflijk veel te vinden op internet, maar journalisten noch ontwerpers worden opgeleid om daar goed gebruik van te maken. Er zijn veel zoekmachines, maar nog geen vindmachines.”

www.curatingreality.nl; www.shippr.org; www.nulpunt.nu

    • Tracy Metz