Dikke kinderen? De rechter oordeelt

Mag de overheid in een gezin ingrijpen als de kinderen te dik worden?

De Zaak. Drie kinderen van zes, elf en dertien uit hetzelfde gezin zijn behoorlijk dik. De Raad voor de Kinderbescherming laat een onderzoek doen. De kinderen, twee jongens en een meisje, worden bij de huisarts op de weegschaal gezet. Het meisje van zes zit 17 kilo boven de norm. De jongen van elf is 18 kilo te zwaar en de jongen van 13 is 51 kilo te zwaar. De ouders zijn in 2007 gescheiden en hebben samen het ouderlijk gezag. De kinderrechter legt een ‘ondertoezichtstelling’ op, een OTS. De ouders gaan tegen deze maatregel van de kinderbescherming in hoger beroep bij het gerechtshof.

Wat is ondertoezichtstelling? Daarbij wordt het gezag van de ouders deels overgenomen door een gezinsvoogd. De kinderen blijven meestal wel thuis wonen – de ouders moeten hun kinderen blijven opvoeden en verzorgen. Maar zij moeten de aanwijzingen opvolgen van de gezinsvoogd. Als die niet tevreden is, kan hij via de rechter de kinderen ook in een tehuis of een gastgezin laten plaatsen. OTS wordt opgelegd bij ernstige problemen, waardoor de ontwikkeling van de kinderen wordt bedreigd. Het duurt een jaar en kan verlengd worden tot het kind 18 is.

Hoe verdedigen de ouders zich bij het hof? We doen enorm ons best en zijn zeer betrokken. Dat het (nog) niet lukt om onze kinderen te laten afvallen, is ons niet te verwijten. We hebben een diëtist ingeschakeld en de kinderen aangemeld bij sportclubs. Maar we zijn ook met het gezin met vakantie geweest. En de diëtist was met vakantie. Daardoor is tijd verloren gegaan – en het heeft ook wel tot uitstel geleid.

Zijn de kinderen echt te dik? De rechter constateert dat twee van de drie boven de obesitasnorm zitten. Dat leidt tot lichamelijke en psychologische problemen. De rechter vindt behalve hoge bloeddruk en risico op diabetes ook negatief zelfbeeld, depressie en stigmatisatie een probleem.

Wat krijgen de ouders te horen? Dat ze te weinig voortvarend zijn en geen inzicht hebben in de ernst van de situatie. Te dikke kinderen moeten veel aandacht krijgen en ‘intensieve hulp’ bij wat ze eten en hoeveel ze verbruiken. Ouders moeten stimuleren, steunen en betrokken zijn. Deze ouders hebben „onvoldoende intrinsieke motivatie en inzicht” om vrijwillig en langdurig het gedrag van hun kinderen te laten veranderen. Vakanties mogen geen excuus zijn voor uitstel. In die vakantie kan het overgewicht al worden aangepakt, „door bijvoorbeeld te gaan wandelen, fietsen en gezonde levensmiddelen in huis halen”.

Dat hebben deze ouders niet gedaan. „Professionele en deskundige hulp in een verplicht kader” is daarom nodig. De gezinsvoogd, die al aan het werk is, zorgde al voor een andere ziektekostenverzekering – één die de kosten van de diëtist vergoedt. De gezondheid van de kinderen wordt nu ‘ernstig bedreigd’. Dat de ouders hun best doen en betrokken zijn, is het hof op de zitting ook gebleken. Maar dat is niet voldoende. De OTS-maatregel is terecht opgelegd.