Dichtbij het volk, geen fratsen

Vanavond is de eerste van vier stadionconcerten van Guus Meeuwis (40) in het Philips Stadion Eindhoven. Meeuwis: ‘Ik zou hier wel een nummer met Springsteen willen doen.’

tilburg guus meeuwis rehearsal foto rien zilvold

Drie weken voor de aftrap van een nieuwe reeks concerten in het Philips Stadion in Eindhoven zit zanger Guus Meeuwis met een kopje koffie in het zonnetje voor een leegstaande loods in Tilburg.

De loods is voor een aantal dagen omgebouwd tot ‘oefenstadion’. Binnen studeert de band van Meeuwis het repertoire in met de blazers en strijkers die hen tijdens het concert komen versterken. Er is een geïmproviseerd kantoor van rijen klaptafels met daarop iPads en laptops. In met apparatuur volgestouwde, aparte ruimtes worden alvast het lichtontwerp, de geluidsmix en de styling in detail doorgenomen.

„We hebben de ruimte nodig”, zegt Meeuwis – wit T-shirt, donkerblauwe gymschoenen, spijkerbroek – terwijl hij naar de imposante loods wijst. „Het is hier goed werken en we zijn niemand tot last.”

Gustaaf Stephanus Modestus Meeuwis (40) is de heersende koning van het voetbalstadion. Zijn Groots Met Een Zachte G-reeks in het Philips Stadion in Eindhoven is uitgegroeid tot een jaarlijks uitverkocht en massaal muziekfeest in Brabant. Vanavond is het eerste concert in een nieuwe reeks van vier.

Het stadionconcert is de overtreffende trap in de carrière van elke popartiest en zeker in die van een Nederlandstalige zanger met een geografisch beperkt afzetgebied. Meeuwis gaf in 2006 zijn eerste eigen concert in een stadion. „Toen ik die eerste keer opkwam en al die mensen bij elkaar zag, was ik echt een beetje van de leg”, zegt Meeuwis. „Al mijn zintuigen waren aan het werk, iedere beweging kwam snoeihard binnen. Pas bij het vijfde nummer begon ik er zelf ook van te genieten.”

De zanger uit Mariahout doorkruist al sinds 1995 kriskras het Nederlandse podiumcircuit; eerst met de studentikoze feestband Vagant en later als solozanger. Maar hij moest wennen aan de nieuwe schaal. „Ik had het gevoel dat ik alle hoeken van het podium wel had gezien”, zegt hij. „Maar toen ik het later terugkeek, zag ik een statisch menneke. Er tstaan in een stadion 34.000 man klaar die bij jou op bezoek komen. Dat geeft zoveel energie. Je moet de mensen opzoeken. Het moet op en neer gaan golven.”

In het begin wilde hij zich nog wel eens overschreeuwen in het stadion, vertelt Meeuwis. „Alsof dat erbij hoort.” Maar inmiddels heeft hij ‘een prima balans gevonden’. Met krakers als nummer 1-hits Het Is Een Nacht (Levensecht) en Per Spoor (Kedeng Kedeng) waarmee Meeuwis met Vagant ‘al een aardige feesttentenreputatie opbouwde’, zoals hij samenvat. „En met een wat kalmer en serieuzer repertoire. Omdat het geluid in orde is, kun je in een stadion ook prima alleen op vleugel spelen.”

Dit jaar vallen twee van zijn concerten in het Philips Stadion samen met EK-wedstrijden van het Nederlands elftal; die kijkt het publiek gezamenlijk voordat de band losbarst. Het past bij de sfeer die de zanger met zijn crew wil neerzetten: dichtbij het volk, geen rare fratsen. „Het gaat niet alleen om de muziek”, zegt Meeuwis. „Mensen combineren een dagje uit in Eindhoven met het concert, zonder dat ze nou per definitie fan zijn. Het is een dagje feest met een Brabantse gastheer.”

En dus zingt Meeuwis ook steeds weer trouw Het Is Een Nacht (Levensecht) – gewoon omdat het bij de opzet van zijn feest past. „Je komt er niet onderuit.” Vorig jaar liet hij het publiek het hele nummer zingen, omdat hij na het eerste couplet ‘benieuwd was of ze het volgende ook helemaal kenden’. Maar toen hij een Engelse variant bracht, zorgde hij dat de Nederlandse versie ook op het programma stond. Terecht, zegt regisseur Marcel de Vré. „Anders breken ze de tent af.”

De allereerste keer dat Meeuwis zijn stadionconcert organiseerde, zong hij op het podium de stadionliedjes die hem inspireerden: Start Me Up van The Rolling Stones; Born In The U.S.A. van Bruce Springsteen; Geef Mij Je Angst van André Hazes. „Liedjes die dat imposante hebben”, legt hij uit. „Iedereen wil Start Me Up een keer in een stadion gehoord hebben. Of liever: gezongen hebben.”

En Meeuwis heeft zelf ook dergelijke stadionkrakers in zijn repertoire. „De meeste mensen zullen ’t Dondert En ’t Bliksemt mijn Start Me Up noemen”, zegt hij, terwijl achter hem de band, de strijkers en de blazers in de loods net een orkaanversie van dat nummer inzetten. „En ik denk dat Het is een Nacht ook wel een Start Me Up is, bijvoorbeeld.”

Het zijn nummers die Meeuwis opnam ver voordat hij in het stadion stond. En hoewel hij altijd ook nieuwe nummers speelt tijdens de concertenreeks, is hij niet anders muziek gaan maken sinds hij jaarlijks op deze schaal optreedt. „Ik vond het altijd al te gek als een liedje iets in zich had dat massaal gedragen kan worden. Eigenlijk passen al mijn liedjes in het stadion.”

Het was dan ook ooit zijn einddoel in een stadion te staan. Nu noemt Meeuwis de concerten trots ‘een thuiswedstrijd’ en ziet hij het Philips Stadion als ‘ons fort en onze feestzaal’. De enige overtreffende trap zou nu nog een nationale stadiontour zijn „maar ik weet niet of dat reëel is in Nederland; logistiek is het een hele puzzel.”

Wel droomt de zanger er nog steeds van dat zijn grote stadionheld Bruce Springsteen eens naar Brabant komt, en anders U2 of Coldplay. Guus Meeuwis: „Dan laten wij met liefde de spullen staan.” Opteert hij dan voor een gezamenlijk optreden? Hij lacht. „Nou als ze er toch zijn, wil ik ook een nummer met ze doen. Ik zal het eerst voor ze faciliteren en me dan pas aan ze opdringen.”

‘Groots Met Een Zachte G’ in het Philips Stadion, Eindhoven: 8, 9, 15 en 17/6. Op 9 en 17/6 wordt ook naar de EK-wedstrijden van het Nederlands elftal gekeken.

    • Saul van Stapele