Amerikaanse oliewinning toont kracht kapitalisme

De Verenigde Staten kunnen momenteel pronken met ’s werelds snelst groeiende olieproductie buiten de OPEC, de Organisatie van Olie-exporterende Landen. De Amerikaanse productiegroei laat die van Brazilië achter zich, terwijl oliewinning in Mexico terugloopt. Nu vooral grote banken uit de politieke gratie zijn, herinnert het succes van de Amerikaanse oliesector eraan dat particuliere ondernemingen beter inspringen op kansen dan overheden.

Ministers van de OPEC-landen zouden dit in het achterhoofd kunnen houden wanneer ze volgende week bijeenkomen in Wenen. Niet-OPEC landen die beschikken over een grotendeels particuliere oliesector voeren hun productie op, vrij van de beperkingen van het kartel. Volgens adviesbureau PFC Energy verhogen de Verenigde Staten hun productie in de twee jaar tot 2013 met bijna 400.000 vaten per dag. Dat is een toename van zo’n 8 procent, en ongeveer gelijk aan een half procent van de wereldwijde oliewinning. Canada, waar de oliesector eveneens wordt gedomineerd door particuliere bedrijven, is tweede met een verhoging van 300.000 vaten per dag.

De productiegroei in de VS staat vooral in schril contrast met de prestaties van de staatsoliebedrijven aan de overkant van de grens met Mexico. Terwijl Amerikaanse ondernemers erin geslaagd zijn om in het afgelopen jaar een zesvoudige stijging te bereiken in de winning van schalieolie uit de Eagle Ford Shale in Texas, heeft Mexico nog geen druppel gewonnen uit dezelfde geologische formatie. Pemex, de logge staatsgigant ten zuiden van de grens, heeft een productiedaling gerapporteerd van 23 procent in de afgelopen zes jaar, en de winning loopt nog steeds terug.

In Brazilië is ondertussen veel te doen geweest over diepzeebronnen die zijn ontdekt, maar productiegroei bij de dominante oliemaatschappij Petrobras, die grotendeels in handen is van de overheid, is tot nog toe tegengevallen. Oliewinning in Brazilië ligt op koers voor een stijging tot 2013 met de helft van de Amerikaanse groei. En Rusland, dat beschikt over meer dan twee maal zoveel bewezen oliereserves als de VS, zal naar verwachting nauwelijks een kwart van de Amerikaanse productiegroei bereiken. Dat is voor een deel te wijten aan overheidsinmenging en voortdurende wijzigingen van fiscale regels.

Binnen de OPEC voert naoorlogs Irak zijn productie in hoog tempo op, en kan Saoedi-Arabië dat ook doen door de kraan van bestaande olievelden verder open te draaien. De Amerikaanse groei is daarentegen te danken aan nieuwe bronnen die in productie worden genomen. Het is mogelijk dat nationale oliereuzen, met hun enorme voorraden, opnieuw het voortouw zullen nemen. Maar voor dit moment ligt het initiatief bij particuliere oliemaatschappijen – een welkom bewijs van de voordelen van grootschalig kapitalisme.

Christopher Swann

vertaling Frank Kuin

    • Christopher Swann