Vlotte reflectie op de Arabische Lente eindigt met hoop

Theater

The Speaker’s Progress door Sabab Theatre. Gezien 6/6. Hh.: 7/6 ****

Zal je net zien: heb je een voorstelling gemaakt over de inertie van Arabische volkeren en de onveranderlijkheid van de Arabische wereld, breekt de revolte los.

Het overkwam regisseur Sulayman Al-Bassam (Koeweit, 1972) met zijn stuk The Speaker’s Progress, dat gisteren op het Holland Festival zijn Nederlandse première beleefde. Het einde van The Speaker’s Progress was duister en pessimistisch: theater zou nooit iets wezenlijks kunnen veranderen. Maar toen bevond Al-Bassam zich plots te midden van historische gebeurtenissen, waarvan niemand nog de uitkomst kan voorspellen. Hij veranderde het slot van zijn stuk radicaal. Zijn nieuwe einde is verward, tastend, en voorzichtig hoopvol.

The Speaker’s Progress gaat over een dictatuur waarin theaters zijn gesloten en het bekijken van theater wordt bestraft; een orwelliaanse dystopie in westerse ogen, maar voor de makers waarschijnlijk niet eens zo ver van de werkelijkheid.

Al-Bassam zelf speelt een voormalig theaterregisseur die heult met de macht. In het kader van de archivering van verboden kunstwerken, reconstrueert hij met een groepje afgevaardigden van het regime een Arabische opvoering van Shakespeares Twelfth Night uit 1963, waarvan we op film delen te zien krijgen. De afgevaardigden (nadrukkelijk géén acteurs) maken de bewegingen en spreken de teksten van de spelers van toen, via een cameraverbinding scherp gevolgd door het ministerie van Informatie. Ze bedrijven wetenschap, benadrukken ze, geen kunst.

Dus de teksten worden vlak uitgesproken, en de spelers bewegen zich volgens instructies over het toneel, als op een schaakbord („dame naar C4”). Een ambtenaar van het ministerie van Toerisme voorkomt ter plekke dat de boel uit de hand loopt. Acteren, improviseren, dansen, travestie – dat is allemaal verboden.

Gaandeweg raken de spelers toch enthousiast. Ze worden betoverd door de magie van de verbeelding, begeesterd door de mogelijkheden en de vrijheden van ‘doen alsof’. Helemaal wanneer, als bewijslast van de verderfelijke verleiding van theater, de kostuums erbij worden gehaald. Uiteindelijk raken ze zo vervoerd dat ze de cameraverbinding verbreken, en de ambtenaar opsluiten. Zo bloeit de kunst, én de revolte, uiteindelijk zelfs op onder de strengste censuur, lijkt Al-Bassam te zeggen. Dat kan je niet stoppen.

Niet alles uit de voorstelling is voor een westers publiek even goed te volgen. En het slot ontaardt in een gezien de omstandigheden begrijpelijke chaos. Maar het is mooi om te zien hoe Arabische kunstenaars artistiek reageren op de historische gebeurtenissen in hun regio, al is dat nog zoekend en onaf. Al-Bassam hanteert een vlotte theatertaal met veel humor en ironie. Het maakt zijn Speaker’s Progress tot een aanstekelijk pleidooi voor de verbeelding en voor de kunst, dat ook voor een Nederlands publiek van belang is.

    • Herien Wensink