Sap is veilig, GroenLinks nog niet

Jolande Sap heeft een stevige positie als lijsttrekker van GroenLinks, nu 84 procent van de leden voor haar koos. Maar wat gaat er met Tofik Dibi gebeuren?

Jolande Sap neemt in Studio Pulchri in Den Haag de felicitaties van haar uitdager Tofik Dibi in ontvangst. Foto Maarten Hartman

Tofik Dibi heeft getwijfeld. „Op een paar momentjes.” Die ene vrijdag in mei bijvoorbeeld, op het partijbureau van GroenLinks in Utrecht, toen het uren duurde voordat het bestuur bekendmaakte dat er inderdaad een lijsttrekkersreferendum zou komen. Toen dacht hij: misschien moet ik toch stoppen en me terugtrekken als kandidaat.

Maar hij is, ook achteraf, blij dat hij heeft doorgezet. Dat zei Dibi gisteren, nadat bekend was geworden dat hij het lijsttrekkersreferendum van GroenLinks met een grote achterstand had verloren. „Eén van mijn drijfveren was om niet op te geven als het moeilijk zou worden. Dus nee, ik voel me geen verliezer.”

Maar dat is hij wel. Een overgrote meerderheid van de GroenLinks-leden heeft voor Jolande Sap als lijsttrekker gestemd. Van de 14.559 leden die hun stem hebben uitgebracht, kozen er 12.242 voor Sap. Een meerderheid van 84 procent. Het zijn „bijna Oost-Europese aantallen”, grapte Dibi daarover. Zelf kreeg hij 1.764 stemmen, 12,2 procent. De rest, 553 leden, stemde blanco.

Wat heeft de lijsttrekkersstrijd die Tofik Dibi begin mei in gang zette, GroenLinks gebracht? Dat wist Dibi zelf gisteren ook even niet precies. Vooraf had hij gehoopt dat er méér kandidaten zouden opstaan als hij zich zou aanmelden als uitdager, zei hij. „Ik dacht echt dat er een open strijd zou komen, met meerdere kandidaten. Zodat we net als het CDA en PvdA met nieuw elan de verkiezingen in zouden kunnen. Laat ik het zo zeggen: het is de vraag of dat nu is gelukt.” Alle gedoe in de aanloop naar de uiteindelijke strijd is te lang blijven hangen, zei Tofik Dibi. Wel gaf hij ruiterlijk toe dat een stevig mandaat, zoals Sap dat nu heeft gekregen, „helemaal is wat je nodig hebt met verkiezingen”.

Over dat heldere mandaat van de leden heerste binnen GroenLinks gisteren grote opluchting en blijdschap. Meermalen kreeg Sap een klaterend applaus. Aan het einde van haar toespraak stak ze heel even haar beide vuisten in de lucht, alsof ze in een boksring stond. Al had Sap de winst zelf ook wel verwacht: „Ik had op 70, misschien 75 procent gerekend. Dit overtreft mijn stoutste dromen.”

Opluchting twee: met bijna 57 procent van de ruim 25.600 stemgerechtigde leden was de opkomst relatief hoog. Zoals een van de medewerkers zei: „Het is toch een beetje alsof je een feestje geeft. Je moet altijd maar afwachten of er mensen komen.” Ter vergelijking: de laatste keer dat GroenLinks een referendum hield, over de Europese kieslijst, was de opkomst 38 procent. Bij de recente lijsttrekkerverkiezingen van het CDA stemde 55 procent, bij de PvdA was de opkomst 68 procent.

Het leiderschap van Sap is nu veiliggesteld. Het is de eerste keer sinds Femke Halsema haar opvolger heeft benoemd, anderhalf jaar geleden, dat de GroenLinks-leden zich over haar uit konden spreken – een betere uitslag kon ze zich niet wensen. Maar naast blijdschap leven binnen de partij allerlei zorgen. In de peilingen staat GroenLinks nog steeds op verlies – de lijsttrekkersstrijd heeft daaraan niets veranderd. En er komen nog genoeg momenten die voor negatieve aandacht kunnen zorgen.

Zo is de kandidatencommissie van GroenLinks nu bezig met de rest van de kandidatenlijst. Volgens ingewijden is nog niet gezegd dat die commissie de zittende Kamerleden allemaal opnieuw als ‘geschikt’ beoordeelt. En komende zaterdag gaat ook Tofik Dibi opnieuw bij hen op gesprek. Dit keer spreekt hij, met de mensen die hem ongeschikt vonden als leider, over een plek lager op de lijst. Dibi gaat voor plek twee – en ook daarin zien GroenLinksers een probleem.

Jolande Sap zegt zelf dat „Tofik van harte welkom is om de fractie te blijven versterken”. Maar de nummer twee op de lijst zit traditiegetrouw ook in het fractiebestuur. En dus zeggen andere partijleden: hoe kan iemand die zo openlijk kritiek heeft geuit op de fundamentele koers van de partij, nu nog met goed fatsoen in dat bestuur zitten? Dibi was nota bene al fractiesecretaris, en daarmee de rechterhand van de voorzitter. Iemand rond de fractie: „Als Tofik zegt dat de sfeer niet goed is, of dat hij het niet eens is met Kunduz of met het Lenteakkoord, zegt hij daarmee dus eigenlijk ook dat hij zelf zijn rol niet heeft kunnen waarmaken.”

Op 30 juni bepalen uiteindelijk de leden op welke plek Tofik Dibi terechtkomt. GroenLinksers uit de top van de partij zou het niet verbazen als het congres Dibi op een onverkiesbare plaats zet, mocht de kandidatencommissie hem wel direct achter Sap zetten. Dibi kan op weinig goodwill van de leden meer rekenen, denken ze. „GroenLinksers houden niet van mensen die niet loyaal zijn, die uit de school klappen”, zegt een van hen.

    • Annemarie Kas