Nederland privatiseerde tegen beter weten in

De markt zou het beter doen, de overheid had geld nodig, het moest van Europa. Drie oorzaken voor de ongekende privatiseringsgolf.

Al eeuwenlang helpen loodsen schepen veilig de Nederlandse havens binnen te varen. Met steun van het Loodswezen, dat onder andere loodsen afzet op de schepen en gelden int. In 1988 werd het Loodswezen verzelfstandigd. „Daarna gingen de tarieven fors omhoog, de beloningen ook, maar werd de dienstverlening niet beter”, zei oud-topambtenaar Marjanne Sint gisteren tijdens een openbare hoorzitting in de Eerste Kamer.

Het Loodswezen, een monopolist, werd de afgelopen dagen in de senaat vaak genoemd als voorbeeld van de doorgeslagen privatiseringsdrang in de jaren tachtig en negentig. Eigenlijk vond iedereen die verzelfstandiging „mallotig”, zei oud-topambtenaar Roel Bekker „Maar het gebeurde toch, in de slipstream van de privatiseringsgolf.”

Een parlementaire onderzoekscommissie van de Eerste Kamer bekijkt de verzelfstandigde en geprivatiseerde staatsbedrijven van de laatste decennia. Doel: uitzoeken hoe de parlementaire besluitvorming precies is gegaan en wat de gevolgen voor de samenleving zijn geweest. Deze en volgende week zijn de openbare hoorzittingen.

Maar na drie dagen van verhoren is de rode lijn duidelijk: er was vanaf halverwege jaren tachtig een ongekend geloof in ‘de markt’ die door de werking van concurrentie alles beter en efficiënter zou doen.

SER-voorzitter Alexander Rinnooy Kan: „Er was veel marktaanbidding. Het ideologische debat ging ten koste van een nuchtere, zakelijke analyse van de feiten”.

Oud-vicepresident van de Raad van State, Herman Tjeenk Willink: „Alle partijen hebben dit beleid, al dan niet met vreugde maar in ieder geval ruimhartig, gesteund”.

Marjanne Sint: „De communis opinio was: we zetten zoveel mogelijk overheidsdiensten op afstand”.

Wat meespeelde was dat de overheid in de jaren tachtig fors moest bezuinigen. „De budgettaire nood speelde een grote rol”, zei oud-minister Gerrit Zalm vanochtend. En vaak kwam privatisering voort uit Europese regelgeving, zeiden enkele ondervraagden. Maar Tjeenk Willink vindt dat onzin. „Nederland ging vaak verder dan Europa voorstelde. We hadden tot privatisering besloten en Europa diende als alibi om op die weg door te gaan.”

Bij al die privatiseringen ging veel mis. Vooraf werd zelden geanalyseerd wat het probleem nu eigenlijk was. En of de burger er beter van zou worden. Goede ‘nulmetingen’ ontbraken, zodat achteraf niet goed kon worden vastgesteld wat er precies was veranderd. De besluitvorming was onzorgvuldig. Hoogleraar bestuurskunde Ko de Ridder: „Er is met een schot hagel op de Rijksdienst gevuurd. Als je geluk had, ging het goed. Het is heel lang een heel groot experiment geweest”.

Ook binnen de departementen zelf was nauwelijks diepgaande discussie, zei Roel Bekker: „De ambtelijke dienst in Nederland is altijd zeer loyaal en luistert goed naar wat de politiek wil”. Sterker nog, departementen hadden zelf belang bij privatiseringen omdat ze de opdracht hadden gekregen af te slanken. Bekker: „Toen de luchtverkeersleiding verdween, betekende dat 900 ambtenaren minder. Optisch gezien heb je dan je doel gehaald: een kleinere overheid”.

De ondervraagden benadrukten dat er ook verzelfstandigingen en privatiseringen zijn die succesvol zijn verlopen. Neem de facilitaire diensten van het rijk zoals de staatsuitgeverij, de rijksautomobielcentrale en het rijkscomputercentrum. Of de telecomsector, zei oud-minister Annemarie Jorritsma (VVD): „Ik vrees dat we anders nog steeds met bakeliet hadden gebeld”.

Daar heeft het Loodswezen weinig aan. Maar volgens Sint kunnen verzelfstandigingen ook worden teruggedraaid. „Dat doe je niet lichtvaardig. Maar het kán wel, als je nu vindt dat het toch geen goed idee was.”