Keihard in het oranje

Ministerraad, 8 juni. De premier neemt het woord. „Jongens, even over Oekraïne. We hadden de bobo-boycot – alleen ambtenaren naar het EK, maar let’s face it, met de 6-0 zege op Noord-Ierland is een nieuwe politieke realiteit ontstaan. Voor onze generatie politici is dit misschien de laatste kans op een grote prijs.”

„Ik ga daar niet op de tribune zitten zonder een democratisch statement te maken,” zegt de minister van Sport. „Denk aan onze linkerflank. Ik zag Pechtold over de gang lopen met een oranje petje en acht Amnesty-rapporten over Oekraïne.”

„Wat doen we dan?” roept de premier. „We hebben geen zeven weken meer! Moet ik Van Marwijk symbolisch een speler laten schrappen? Die Huntelaar loopt toch al dagen te mokken.”

„Nee! Die heeft scorend vermogen!” schrikt de vicepremier. „Waarom laten we Nederland niet spelen in de kleur van de Oekraïense revolutie van 2004. Als eerbetoon. Keihard in het oranje. Dan ziet heel Europa dat het ons ernst is met de mensenrechten.”

    • Arjen Fortuin