De Heilige Graal als grabbelton

Wat is de betekenis van de Heilige Graal, kern van Wagners opera Parsifal? De cultuur-geschiedenis leert dat vele interpretaties mogelijk zijn.

The Arming and Departure of the Knights. Number 2 of the Holy Grail tapestries woven by Morris & Co. 1891-94 for Stanmore Hall. This version woven by Morris & Co. for Lawrence Hodson of Compton Hall 1895-96. Wool and silk on cotton warp. Birmingham Museum and Art Gallery.

In Israël vindt deze maand aan de Universiteit van Tel Aviv een groot Wagner-concert plaats. Dat doorbreekt een taboe: de in 1883 overleden Duitse componist Richard Wagner wordt in Israël zelden of nooit uitgevoerd. Dat heeft hij te danken aan zijn heftige antisemitisme en aan het feit dat hij in nazi-Duitsland als een voorloper en inspirator van de ideologie werd gezien.

Adolf Hitler zelf was een Wagner-fanaat, bekende hij in zijn autobiografie Mein Kampf. In 1934 bemoeide de dictator zich hoogstpersoonlijk met de enscenering van Parsifal in Bayreuth. Hij zag in deze opera een pleidooi voor raszuiverheid.

Moeten degenen die volgende week, vanaf dinsdag 12 juni, in het Holland Festival Pierre Audi’s enscenering van Parsifal gaan bewonderen zich dan schamen dat zij ‘fout’ cultuurgoed gaan bewonderen? Nee natuurlijk. In Audi’s opvatting gaat de opera over ‘ambivalentie en gespletenheid’. Uitgangspunt is hier de christelijke verlossingsmystiek waarvan Wagners opera doortrokken is, het is een verhaal over een held die door zijn reinheid anderen verlossing brengt maar wiens reinheid twijfelachtig lijkt omdat hij een meisje heeft gekust.

Niemand heeft het alleenrecht op interpretatie in de grote grabbelton van de Europese cultuurgeschiedenis. Hitler niet. En Wagner zelf ook niet, die overigens nooit schijnt te hebben verklaard dat Parsifal over raszuiverheid ging en – zoals in nazi-Duitsland de lezing was – en dat de tegenstrever van de held in de opera, de euvele Klingsor, een jood is.

Antisemitisme is bovendien – behalve dan misschien in Israël – een delict dat in de kunsten verjaart. Wagner was weliswaar antisemiet, maar dat blijkt uit politieke opstellen die niemand meer leest en bovendien had hij dat met schokkend veel negentiende-eeuwse intellectuelen gemeen. Die verjaring is geen typisch Duits verschijnsel. Het heeft even geduurd, maar er is in Frankrijk bijna niemand meer die bestrijdt dat Louis-Ferdinand Céline, auteur van de geniale roman Voyage au bout de la nuit (1936) maar ook van een aantal onaangename antisemitische pamfletten, een groot schrijver was.

Wat zit er eigenlijk, qua Parsifal, in die cultuurhistorische grabbelton? Wagner baseerde zijn opera losjes op een dertiende-eeuws episch gedicht van ene Wolfram von Eschenbach. Het is een van de in meer middeleeuwse culturen voorkomende verhalen rond de Heilige Graal. Een in sociale afzondering opgevoede jongeling besluit zich bij de ridders van koning Arthur aan te sluiten. Die zijn op zoek naar de Heilige Graal, waaraan – zoals bij relikwieën te doen gebruikelijk – bijzondere krachten worden toegekend. Parsifal krijgt die graal ook te zien, maar handelt dan niet. Waarom niet, is een van de elementen in het verhaal die tot eindeloze debatten aanleiding kunnen geven: misschien is het zijn sociale onervarenheid, of hij ziet die Graal in een andere werkelijkheid dan die waarin stervelingen zich bewegen.

De Heilige Graal is een legendarisch relikwie, dat in de literatuur voor het eerst opduikt in de twaalfde eeuw. Het zou een schaal kunnen zijn, die volgens een legende gebruikt zou zijn bij het Laatste Avondmaal voor Christus’ kruisiging en waarin later aan het kruis het bloed van de Verlosser zou zijn opgevangen. Maar volgens andere bronnen is het meer een abstract begrip. Ook met de Heilige Graal kun je alle kanten op.

Waar het verhaal over de Heilige Graal als een immer vliedend object vandaan komt, waarnaar je een leven lang kunt zoeken, is onduidelijk. Het zou volgens de geleerden een verhaal van buiten-christelijke oorsprong kunnen zijn, of een element uit de vroeg-christelijke stroming van de gnostiek, die al in 325 bij een concilie werd verworpen en haar laatste omvangrijke uitdrukking vond bij de Katharen, een omvangrijke ketterij in Zuid-Frankrijk die in de dertiende eeuw middels kruistochten hardhandig werd onderdrukt.

Die Katharen zijn vaak met de Heilige Graal in verband gebracht. Het oudst bekende verhaal over de Graal en de figuur van Parsifal is ook een Frans dichtwerk van Chrétien de Troyes uit de twaalfde eeuw. De gnostiek ging uit van de aanwezigheid van twee parallelle werelden, een stoffelijke en een geestelijke. De merkwaardige handeling, ook in Wagners opera, zou je op zich goed kunnen beschrijven als een exercitie op het snijvlak van die twee werelden.

Middeleeuwse handschriften als dat van Eschenbach werden in de negentiende eeuw ijverig bestudeerd, uitgegeven en in een enkel geval trouwens nieuw-geschreven en voor oeroud versleten. Juist omdat de inhoud ervan vaak zo wonderlijk is en moeilijk te duiden valt, leenden ze zich uitstekend voor het hineininterpretieren van allerlei contemporaine opvattingen, bijvoorbeeld over de eigen natie of de rechten van een bepaald levensgevoel als zijnde typisch Duits, rein, Europees, Arisch. Wagner, Hitler, Audi – eigenlijk doen ze allemaal precies hetzelfde met andere uitkomsten.

Anders Breivik trouwens ook. De Noorse massamoordenaar wil zich in zijn manifest zien als een vertegenwoordiger nieuwe stijl van de middeleeuwse orde der Tempeliers en heeft zichzelf ook in een toepasselijk kostuum gefotografeerd. De Tempeliers waren een in de twaalfde eeuw opgerichte (en in de veertiende eeuw door de inquisitie weer onderdrukte) ridderorde die zich oorspronkelijk ten doel stelde christelijke pelgrims in het Heilige Land te beschermen tegen kwaadwillende islamieten – vandaar Breiviks belangstelling. Hun bestaan is historisch, maar om hen heen wemelt het wederom van de legenden, onder andere dat ook zij beschermers van de Heilige Graal zouden zijn.

De grote grabbelton van de Europese cultuurgeschiedenis kan dus nog steeds overal voor gebruikt worden: van het meest verfijnde kunstgenot tot de meest enge, van doodsmystiek doortrokken gewelddadigheid op ideële grondslag. Hopelijk zit er volgende week in het Muziektheater geen Breivik in de zaal.

    • Raymond van den Boogaard