Dansen op bakeliet

DJ Blue Flamingo draait uitsluitend met bakelieten 78-toerenplaten. Zijn cd A search for CMS wordt vandaag gepresenteerd.

Het was niet zijn bedoeling om via Kenia te reizen. Kenia is niet interessant voor platenverzamelaars. Begin twintigste eeuw was de muziek daar namelijk al verwesterd door hotelbandjes die voor expats speelden. Maar Ziya Ertekin (1969), alias DJ Blue Flamingo, kwam begin 2011 op doorreis naar Kameroen toch in Kenia (Nairobi) terecht. Hij had 24 uur en deed dus wat hij altijd doet: hij trok de stad in op zoek naar 78-toerenplaten.

Ertekin moest die dag denken aan een stapel obscure platen van het Keniaanse label CMS die hij ooit in Nederland had gevonden. De dj ging op zoek naar sporen van het label.

En die ene dag leverde A search for CMS op, een bijzondere cd die vandaag gepresenteerd wordt. Ertekin kwam in Nairobi in contact met sleutelfiguren van de muziekscene in de stad. Het waren mensen die al in Nairobi speelden toen het nog een stad middenin de malariamoerassen was, in de jaren veertig en vijftig. Het was in (onder meer) een oud platenzaakje waar Ertekin, onder een flinke laag stof, prachtige opnames vond. Opnames die al die jaren genegeerd waren door musicologen.

De Kenianen bleken hun complexe ritmes en samenzang in die jaren te hebben gemixt met aanstekelijke Congolese en jawel, Cubaanse stijlen die via missionarissen en handelaren hun weg terug naar Oost-Afrika hadden gevonden. Ertekin: „Oost-Afrikanen herkenden de oude ritmes, maar de Europese invloeden die ze hoorden waren nieuw. Een Congolese gitarist die de Cubaanse stijl speelde, werd populair in Kenia. Daar voegden verschillende stammen weer hun eigen invloeden aan toe en zo ontstond in de jaren vijftig de opzwepende Benga-muziek uit Kenya.”

A search for CMS is nog maar de eerste vrucht van Ertekins muziekreis dwars door Afrika die drie maanden duurde. Net als eerdere reizen kwam hij terug met veel platen, muziekverhalen en onverwachte dwarsverbanden die hij in volgende projecten verder wil uitwerken.

Ertekin is de dj met vermoedelijk de zwaarste platentas van Nederland. Hij draait uitsluitend de bakelieten 78-toerenplaten die in de jaren vijftig vervangen werden door vinyl. Dat definieert ook meteen zijn smaak en stijl. Hij verschijnt altijd in pak, liefst met hoed, hij mixt niet, draait op een enkele oude draaitafel, laat stiltes vallen tussen de muziek of praat die vol met het verhaal achter een plaat, waar hij hem vond of waar de muziek vandaan komt. Dit jaar staat hij op grote festivals als North Sea Jazz en Roskilde.

„In Afrika vind je nog 78-toerenplaten uit de jaren zestig, toen in Europa en de VS alles al op vinyl uitkwam. Het ging daar langer door. Als ik draai, zijn mensen altijd verbaasd dat die 78-toeren zo goed klinken, maar dat is niet zo gek als je het afspeelt op goede oude apparatuur. Er zitten geen tweeters voor de hoge tonen in oude speakers, want dan hoor je te veel kraakjes. Je moet muziek afspelen op het medium waarvoor het destijds geproduceerd is.’’

Op eerdere albums legde hij associatieve links tussen gospel, jazz, Caraïbische muziek en vroege rhythm & blues. „Ik vind muziek interessant als het nog geen naam heeft, als het net ontstaat. De periode dat ‘jazz’ nog als ‘jass’ werd geschreven, daar hou ik van.’’

Door zijn muziekreizen naar Amerika, de Caraïben en Afrika is hij tegen wil en dank ook musicoloog geworden. Hij verdiept zich in de politieke achtergronden en de sociale geschiedenis van de landen die hij bezoekt. Maar bovenal is hij een romanticus. „Ik ben muzikant, dus ik weet dat het belangrijk is of een liedje is opgenomen tijdens volle maan of niet. Daar houden musicologen zich niet mee bezig.’’

Het zit in zijn bloed. Zijn vader was een Turk die op doorreis naar Amerika werk vond bij een rederij in Oss en daar bleef hangen voor de liefde. „Door de muziek en mijn reizen ontdek ik steeds meer over mezelf. Ik heb het oosten en het westen in mij, wat volgens sommige mensen onverenigbaar is. Juist daarom vind ik plekken waar culturen elkaar ontmoeten zo interessant.’’ Hij spreekt met de zachte g uit Oss, maar hij voelt zich inmiddels al jaren thuis in Rotterdam. „In de sociaal mindere wijken zie je het hier gebeuren, culturen wrijven langs elkaar en moeten consensus vinden, daar komt interessante muziek uit voort.’’

Tijdens zijn rondreis door Afrika vroeg hij bij elk kampvuurtje of er muzikanten waren, hij hoorde de verschillende stijlen van Zanzibar tot Gambia. Het bracht hem in netelige situaties: in Kameroen moest hij smeergeld betalen aan de belagers van zijn taxi, toen hij daarna naar de politie ging moest hij hen het dubbele betalen. „Voor goede muziek moet je nu eenmaal altijd in slechte wijken zijn.’’

De tussenstop in Kenia maakt duidelijk hoe wonderlijk muzikale lijnen kunnen lopen. Want A search for CMS eindigt met een Keniaanse zanger die een jodeldeuntje zingt. Een jodelende Afrikaan? Ertekin: „Ik sprak die dag in Nairobi met een muzikant, Joseph Kamaru. Hij groeide op in een dorpje waar één grammofoonspeler was en vijf platen. Een was van Jean Bos-co, de Congolees die de Cubaanse stijl introduceerde, een andere plaat was van Jimmie Rodgers, de jodelende Amerikaanse westernzanger. Waarschijnlijk was die schijf daar via expats terechtgekomen. Jimmie Rodgers is heel populair in Oost-Afrika. Wij denken hier in Europa dat exotica iets is wat alleen ons fascineert, maar Afrikanen vinden andere culturen natuurlijk net zo exotisch en interessant.’’

Keniaanse muziek die werd beïnvloed door Cuba, Congo en cowboys. Als de reis naar Kameroen niet noodgedwongen via Nairobi was gegaan, was Ertekin net als alle verzamelaars met een grote boog om de Keniaanse mambo jambo heengegaan. „Maar nu ontdekte ik de muziek die voor de Kenianen zelf gemaakt werd. Weer een kruispunt van culturen.’’

Het album A Search for CMS van DJ Blue Flamingo wordt vandaag gepresenteerd in RASA, Utrecht.