Bittere herinneringen

Château Fonroque brengt bittere herinneringen in mij boven. Aan de vele zomers die ik bivakkeerde op de camping municipal van St-Émilion. Met onder mijn luchtbedhoofdkussen De grote wijnen van Bordeaux, Hubrecht Duijker’s standaardwerk dat elke dag als reisgids diende.

In en om de wijngaarden op ‘de rechteroever’ leerde ik wijn proeven. Bitters te waarderen. Waarom deze mooi waren. Rijp. Intelligent. Uniek. De karakteristieken benadrukkend van het grote rood van ondere andere Soutard, Cadet-Piola en Canon-la-Gaffelière waar ik mij middelbare school Frans hakkelend, sowieso de schoolbanken net ontgroeid, door de genereus geopende flessen heen proefde.

Met grand cru classé Château Fonroque 2008 ga ik terug in de tijd. Het ombreuze fruit. Klinkt omineus maar is dat niet. Bramen, gerijpt met een minimum aan zonlicht. Zwarte bessen die zich van hun meest duistere kant laten zien. En ha, en daar zijn ze: de bitters. Mooie bitters. Bitters met een verhaal. Bitters met smaak. Heerlijke bitters. Ze bestaan.

Nog eerdere herinneringen: aan een jeugdbittertje. Uit de tijd dat ik nog geen wijn mocht drinken. Überhaupt niet wist wat dat het bestond. Dankzij een louter bierende vader en een Coebergh bessenjeneverdrinkende moeder.

Kleine Harold. Zeven jaar. Onder dekens –bang voor de boze wolf?- sabbelen aan de mouw van mijn flanellen pyjama. Ineens proef ik dat bittertje weer. Het zal toch geen een of ander onverwerkt jeugdtrauma zijn? En zo ja: welk dan? Je leest tegenwoordig zulke rare dingen.

Een volgende proefslok. Richting het bitter van de witlofliefhebber. Het bitter ook van goede laurierdrop. Die van Cleban. Bestaat die drogist nog op de Amsterdamse Heiligeweg? Callebaut chocolade in ieder geval wel. Donkere bitters. Duister zonder grimmig te worden. Met een zonnebril in de schaduw zitten.

Associaties met duistere klei en grondverzetmachines van Caterpillar dienen zich aan. De laatste op biobrandstof gestookt: Fonroque werkt biodynamisch. Ik noteer: ‘Moderne klassieker.’ En maak daarnaast nog een mentale aantekening: ‘Ik moet weer eens terug naar St-Émilion.’ Al is het maar omdat mijn Frans nu een stuk beter is.