Wat hou je echt over als je 16,1 miljoen euro wint?

Bij de vorige trekking heeft Freek Pas uit Eindhoven opnieuw naast de jackpot van de Staatsloterij gegrepen. Stel dat hij deze maand de jackpot van 16,1 miljoen euro wel wint, wat houdt hij er dan werkelijk (op termijn) aan over? „Is het bedrag echt belastingvrij, zoals er staat?”

Bij de Staatsloterij is de 29 procent kansspelbelasting al verrekend, dus je ontvangt netto 16,1 miljoen euro. Abonnees krijgen het bedrag op hun rekening gestort. Anderen bezoeken het loterijkantoor en ontvangen het geld binnen enkele dagen op een rekening naar keuze. Vervolgens geeft de loterij de contactgegevens van enkele vermogensbeheerders, onder wie private wealth manager Andrew Mackay van Van Lanschot Bankiers.

Wil de prijswinnaar voor het oriënterend gesprek thuis afspreken, dan vraagt Mackay altijd even of hij in pak of incognito zal komen. „Sommigen vinden het niet fijn als de hele buurt ziet dat er een man in pak voor de deur staat.” De vraag ‘wie vertel je het’ wordt in het eerste gesprek dan ook vaak behandeld. Mackay luistert vooral. Zo stelt hij vast wat voor type de winnaar is en welk risicoprofiel het beste bij hem past.

Zou je helemaal niets doen en de 16,1 miljoen euro op een gewone spaarrekening (rente 2,5 procent) laten staan, dan stijgt het bedrag jaarlijks met een nettorente van circa 2,5 procent: 402.500 euro. Elk jaar, gemeten op 1 januari, zal de fiscus er belasting over heffen. Een echtpaar heeft een vrijstelling tot 41.570 euro, de rest is belast in box 3. Daarin staat dat je jaarlijks 30 procent belasting betaalt over een fictief rendement van 4 procent (ongeacht of je dat haalt), wat neerkomt op 1,2 procent van 16,1 miljoen: 193.200 euro.

In theorie zou het bedrag dus jaarlijks stijgen (spaarrente min belasting). Maar dan heb je nog geen rekening gehouden met de inflatie: dit jaar liefst 2,3 procent.

„Wil je je vermogen behouden, dan zal je de inflatie moeten bijhouden”, zegt Mackay. En dat betekent dus toch: investeren. Conservatieve prijswinnaars zal Mackay adviseren risico’s te spreiden. Dat kan door bijvoorbeeld te investeren in kortlopende (want veiligere) Nederlandse en Duitse staatsobligaties (rendement nu 2 procent), een klein stuk aandelen, grondstoffen en onroerend goed.

    • Freek Schravesande