Nieuwe Servische president maakt de buren bang

In Srebrenica is geen genocide geweest en Vukovar in Oost-Kroatië is Servisch. Tomislav Nikolic klinkt niet gematigd meer sinds hij president is.

Tomislav Nikolic. Foto Reuters

Tomislav Nikolic is nog geen week in functie, maar nu al heeft de nieuwe Servische president spanningen veroorzaakt met twee buurlanden, de Europese Unie en de Verenigde Staten.

De nationalist Nikolic, die op 20 mei de verkiezingen won van de vorige, Europees gezinde president Boris Tadic, ontkende vorige week op de Montenegrijnse televisie dat de massamoord in Srebrenica door Bosnisch-Servische troepen in 1995 een genocide was. „Er is geen genocide geweest in Srebrenica”, zei Nikolic, die alleen wilde spreken van een „ernstige misdaad”.

Gisteren schaarde de Amerikaanse regering zich bij de critici van Nikolic. „Genocide is geen subjectieve begripsbepaling”, zei een woordvoerder. Maandag beschuldigde Catherine Ashton, de EU-buitenlandcoördinator, Nikolic ervan de geschiedenis te willen „herschrijven”.

Nikolic verstoort een moeizaam proces van Servische verzoening met zijn buurlanden, waarvoor Tadic zich had ingezet. De EU ziet het proces als voorwaarde voor het begin van toetredingsgesprekken met Servië. De erkenning van de moord op zo’n 8.000 Bosnische moslimmannen en -jongens als genocide – de bewuste uitroeiing van één volk– is geen formele maar een informele eis van de EU. Het Joegoslavië-tribunaal en het Internationaal Gerechtshof gebruiken de term in jurisprudentie over Srebrenica.

Op de Balkan telt ieder woord. Nikolic’ uitlatingen bevestigen vooral de angst in Bosnië en Herzegovina voor herleving van het Servisch nationalisme onder Nikolic, een oude bondgenoot van de gehate Slobodan Milosevic. Bakir Izetbegovic, het moslimlid van het driekoppige presidium van Bosnië , zei dat de uitspraak „een schaduw werpt”over het gematigde imago dat Nikolic de afgelopen jaren voor zichzelf creëerde.

Nikolic presenteerde zich in de campagne als pro-Europese corruptiebestrijder. Zijn verleden was anders: tot begin 2008 was hij de tweede man van de ultranationalistische Servische Radicale Partij. De leider van die partij, Vojislav Seselj, zit vast in Den Haag op beschuldiging van onder meer etnische zuiveringen.

Nikolic’ uitspraak over Srebrenica is meer dan een uitglijder. Hij zei recentelijk dat hij volgende maand niet naar de jaarlijkse herdenking in Srebrenica gaat. „Mijn voorganger is erheen gegaan en heeft zijn eer betoond”. „Waarom moet elke president hetzelfde doen?”

Ook Kroatië is ongelukkig met Nikolic. Onlangs betitelde hij Vukovar, een stadje in Oost-Kroatië bij de Servische grens, als „Servische stad”. „Kroaten moeten daar niet naar teruggaan”. De Kroatische president Ivo Josipovic wil niet naar Nikolic’ officiële inauguratie op 11 juni gaan als die zijn woorden niet terugtrekt.