Banktoezicht wordt strenger

Eurocommissaris Barnier wil de macht van nationale toezichthouders beperken. De Spaanse Bankia-affaire is een Europese affaire.

Na lang aarzelen kwam de Europese Commissie vandaag eindelijk met een voorstel voor Europese bankresolutie. En nu is het wéér niet goed.

Vandaag, op de dag dat Spanje naar het euronoodfonds lijkt te stappen voor leningen om zijn banken overeind te houden, presenteerde eurocommissaris Michel Barnier een wetsontwerp om in Europees verband bankfaillissementen te voorkomen of ordelijk af te wikkelen. Deze twee gebeurtenissen hebben alles met elkaar te maken. In Spanje dreigen Spaanse banken ten onder te gaan. Maar de Spaanse staat, die door de crisis budgettair sterk is verzwakt, kan ze niet overeind houden. Dus is de Bankia-affaire een Europese affaire: het treft andere eurolanden direct in de portemonnee. Tegelijkertijd schermt de Spaanse banktoezichthouder informatie over Bankia af van zijn collega’s in andere landen. Dat Madrid nu onderhandelt met het euronoodfonds, bewijst de validiteit van Barniers uitgangspunt: Europa moet zich kunnen bemoeien met nationale banken, grensoverschrijdend of niet. Zodra ze ‘too big to fail’ zijn, gaat hun lot iedereen aan.

Door de Spaanse misère is dit al zo’n open deur geworden dat velen Barnier bekritiseren: kon hij hier niet eerder mee komen? Als hij dit twee jaar geleden had voorgesteld, had Spanje er wat aan kunnen hebben. Volgens Nicolas Véron, bankexpert van de denktank Bruegel, „hebben we de luxe niet om over een permanent regelsysteem na te denken: het huis staat in brand”. Maar twee jaar geleden, toen het Europees parlement om zo’n resolutiesysteem vroeg en de Commissie ermee wilde komen, zetten de lidstaten een enorme keel op. Zij wilden er niet van horen. Volgens Commissiefunctionarissen had het weinig zin een voorstel te maken dat meteen zou worden getorpedeerd.

Barnier wil de macht van de nationale toezichthouders, die nu bijna absoluut is, beperken. In het kader van de preventie van Bankia-achtige ongelukken moeten banktoezichthouders uit andere Europese landen – die met elkaar in een zogeheten ‘college’ zitten – tegen een bank kunnen zeggen: wij willen de boekhouding zien. Als de nationale toezichthouder weigert (zoals de Spaanse toezichthouder bij Bankia), kan hij door zijn collega’s worden overruled. Als de cijfers zorgelijk blijken, kunnen de Europese toezichthouders de bank herstructurering opleggen om een faillissement te voorkomen. Zij kunnen beslissen dat er geen dividend wordt uitbetaald en het management naar huis sturen. Als de bank toch failliet gaat, zijn er Europese regels om dit ordentelijk af te handelen. Die regels, die nu van land tot land verschillen, moeten in heel Europa dezelfde worden. Rekeninghouders worden sterk beschermd, maar obligatiehouders zijn aansprakelijk. Tenslotte moeten de toezichthouders nationale reservepotjes uit meerdere landen kunnen inzetten om het faillissement ordelijk af te wikkelen. Zo kunnen ze de bank draaiend houden en delen afstoten of fuseren, zonder dat er bankruns ontstaan. Daarmee hoeven regeringen elkaar niet meer, zoals bij Fortis en laatst Dexia, agressief opzij te ‘ellebogen’ om er snel de beste stukken voor zichzelf uit te pikken.

De bankresolutie is, samen met een Europees depositogarantiesysteem en sterke Europese supervisie, een kernelement van de ‘bankunie’ waar Europees president Herman Van Rompuy op studeert. Eén ding wordt meteen duidelijk in het 150 pagina’s tellende Commissievoorstel: een echt Europees systeem met één toezichthouder en één resolutiefonds is dit niet. Barnier wil nationale stelsels in tact houden en dwingen tot meer samenwerking. De Europese banktoezichthouder, die na de bankcrisis van 2007-2008 werd ingesteld, krijgt vooral de rol als bemiddelaar als lidstaten ruziën over een bank. „Er is teveel verzet van lidstaten tegen machtig Europees banktoezicht”, zegt een Commissiefunctionaris. Ook één Europees restitutiefonds is in veel landen anathema.

Europees parlement en lidstaten moeten nu over het voorstel onderhandelen. Gezien de gevoeligheden kan dit wel even duren. Het systeem moet in 2014 van kracht worden. Voor Spanje is dat te laat. De afwaardering van Duitse en Oostenrijkse banken, door Moody’s, maakt duidelijk dat de klok snel doortikt.

    • Caroline de Gruyter