Zestal mogelijk onterecht jaren in cel

Marcel Haenen

Zes mensen die een jarenlange gevangenisstraf hebben uitgezeten wegens het doden van een vrouw in een Chinees restaurant in Breda in 1993, zijn volgens de procureur-generaal bij de Hoge Raad waarschijnlijk ten onrechte veroordeeld.

Volgens de juridisch adviseur bij het hoogste rechtscollege moet er „ernstig rekening worden gehouden met de mogelijkheid” dat de verdachten slachtoffer zijn van een gerechtelijke dwaling. Dit schrijft procureur-generaal Diederik Aben in een conclusie. Hij vroeg de Hoge Raad vanmiddag de zaak voor nieuwe behandeling terug te verwijzen naar een gerechtshof.

Een dergelijke omvangrijke dwaling met zes verdachten is in Nederland niet eerder voorgekomen. De afgelopen tien jaar is door interventie van de Hoge Raad vier keer eerder vastgesteld dat wegens moord veroordeelde personen slachtoffer waren van gerechtelijke dwaling.

Drie mannen en drie vrouwen, destijds allen rond de 20 jaar oud, werden eerder door de rechtbank in Breda in 1994 en een jaar later door het hof in Den Bosch veroordeeld wegens het medeplegen van doodslag op een 56-jarige vrouw. De mannen kregen tien jaar cel. De vrouwen kregen twee jaar of 15 maanden cel wegens medeplichtigheid. De veroordeling werd vrijwel volledig gebaseerd op bekennende verklaringen van de drie vrouwen. De mannen, die ruim zeven jaar vastzaten, hebben altijd ontkend.

Uit nieuw onderzoek is volgens Aben gebleken dat de afgelegde bekentenissen „inconsistent” zijn. Ze zijn het resultaat van „inschikkelijkheid en meegaandheid jegens de verhorende rechercheurs”. De vrouwen zouden tijdens de verhoren onder grote druk zijn gezet en kregen „daderwetenschap” van de rechercheurs. De politie toonde ze foto’s van de plaats van het delict. Daardoor kregen ze kennis die later tegen hen werd gebruikt.

Forensische experts hebben ook ander ontlastend materiaal verzameld. Zo blijken bloedsporen op de plaats van het delict „van één en dezelfde onbekende man, van vermoedelijk Zuidoost-Aziatische c.q. Oceanische afkomst” te zijn, aldus Aben. De veroordeelde mannen zijn van Turkse, Surinaamse en Marokkaanse komaf. De vrouwen zijn van Nederlandse origine.

Het dodelijke slachtoffer in deze zaak is mevrouw Mok. Zij werd in de nacht van 3 op 4 juli 1993 in Chinees restaurant Peacock in Breda – de eettent van haar zoon – gewurgd en met een wok doodgeslagen. Het onderzoek naar het misdrijf liep eerst vast, maar na een tip bij de Haagse politie van „meestal betrouwbare informanten” werden verdachten opgepakt.

Na het uitzitten van zijn straf vroeg de Marokkaanse verdachte aan rechtspsycholoog Peter van Koppen en criminoloog Hans Nelen om hulp. De wetenschappers onderzoeken, samen met juridische studenten van de Vrije Universiteit, strafzaken van mensen die menen ten onrechte veroordeeld te zijn. Vier jaar geleden leidde dit tot het boek De dood in het Chinese restaurant, met als conclusie dat er onvoldoende overtuigend bewijsmateriaal was voor een veroordeling. Op verzoek van de PG bij de Hoge Raad boog een team van rechercheurs en een officier van justitie zich opnieuw over deze zaak.

„Ontlastende verklaringen van getuigen blijken door de politie te zijn achtergehouden. En twee meisjes die een alibi hadden voor een verdachte, werden door justitie vervolgd wegens meineed”, zegt Van Koppen.

Advocaat Geert-Jan Knoops, die drie verdachten inmiddels bijstaat, spreekt van „een schokkende zaak”. Het nieuwe onderzoek toont volgens hem aan „dat het aantal gerechtelijke dwalingen in Nederland misschien wel veel groter is dan we geneigd zijn te denken”. Eerder werden Ina Post, Lucia de Berk, de ‘Twee van Putten’ en de Schiedammer parkmoordenaar vrijgesproken wegens dwalingen.

Volgens Knoops is het heel belangrijk dat er „eerherstel” komt voor de verdachten. De Hoge Raad zal, gelet op de stellige conclusies van de procureur-generaal, naar alle waarschijnlijkheid op 18 december oordelen dat de zaak door een ander hof moet worden overgedaan. Als de verdachten worden vrijgesproken is het „evident dat er een vorm van financiële compensatie” moet komen, zegt Knoops. „Zij hebben nog steeds last van hun veroordeling.”

    • Marcel Haenen