Wéér een bakkerij van sloophout

Ik kom zelden bij de plaatselijke bakkerij. Ik vond het brood altijd al matig en nadat ik er voor een kinderpartijtje zestien donuts had gekocht die volkomen oneetbaar bleken, ging ik er niet meer heen. Vorige week zag ik dat de winkel, vroeger opgetrokken uit grijs en groen glas, geheel is gerestyled. De bakkerij is

Ik kom zelden bij de plaatselijke bakkerij. Ik vond het brood altijd al matig en nadat ik er voor een kinderpartijtje zestien donuts had gekocht die volkomen oneetbaar bleken, ging ik er niet meer heen. Vorige week zag ik dat de winkel, vroeger opgetrokken uit grijs en groen glas, geheel is gerestyled. De bakkerij is ineens een bakery en aan het nieuwe logo is de kreet ‘More than bread’ toegevoegd. Ik geloof dat men de indruk wil wekken dat we hier helemaal niet in een buitenwijk van Amsterdam zijn, maar in een hip straatje in Brooklyn, New York. Nader onderzoek leek me geboden. Ook binnen was een ambitieuze stylist lekker aan de gang geweest. De vitrines waren vervangen door sloophouten kasten en op strategische plekken waren rekken met organic cookies neergezet. Aan het bruin geschilderde plafond hingen – een poging tot gezelligheid? – trossen ouderwetse lampenkapjes. Verder was alles als vanouds, hetzelfde matige brood werd in dezelfde oude zakken gestopt, er hingen dezelfde reclameborden met schreeuwerige aanbiedingen voor saucijzenbroodjes en in de sloophouten dressoirs lagen dezelfde aardbeiensloffen te zweten. Toen ik mopperend over sloophout („De gesel van de eenentwintigste eeuw!”) en andere ongein („More than bread! Dat haalt je de koekoek!”), verweet man me dat ik zelf een zeurende ouwe zak aan het worden ben. Toen ben ik maar snel gaan koken. Daar knapt een mens van op.

Vandaag een recept voor ricotta-koekjes met rucola en gestoofde paprika uit mijn eigen bakery. Een stevig borrelhapje of voorafje.

Meng de (uitgelekte) ricotta met het zelfrijzend bakmeel, wat zout en de zachte boter. Doe de blaadjes van de tijm erbij en kneed tot alles goed vermengd is. Rol het deeg uit tot een lap van een halve centimeter en steek er koekjes uit, met een vormpje of een limonadeglas. Leg deze op bakpapier op een bakplaat en bak ze in 15-20 minuten gaar in de oven (190 graden).

Was de paprika’s en haal de zaadlijsten eruit. Snij ze in dunne repen en snij de uien in halve maantjes. Bak ui en paprika op middelhoog vuur in olijfolie tot ze wat kleur hebben. Zet dan het vuur laag en doe een deksel op de pan. Laat alles een half uurtje stoven. Roer af en toe om. Laat de laatste minuten een fijngesneden teen knoflook meebakken

Beleg de ricottakoekjes als ze nog warm zijn met een pluk rucola en doe daar een bergje van het paprika-uienmengsel op. Natuurlijk kan daar nog een krul Parmezaanse kaas, een stukje geitenkaas of een reepje uitgebakken pancetta bovenop, maar echt nodig is het niet.

Ricottakoekjes

Voor ±16 koekjes:

200 g uitgelekte ricotta

250 g zelfrijzend bakmeel

100 g zachte boter

4-5 takjes tijm

2 rode paprika’s

2 uien

1 teen knoflook

rucola

zout

    • Roos Ouwehand