Soepele Beach Boys voelen zich negentien

The Beach Boys. Vanaf links: Bruce Johnston, Al Jardine, Brian Wilson, Mike Love, David Marks

In de kern van de muziek van The Beach Boys schuilt een tegenstelling. Enerzijds zijn de nummers te beschouwen als mini-symfonieën ter meerdere eer en glorie van leven en liefde in Amerika. Anderzijds zullen veel mensen in de prachtige, bizarre en uitzonderlijk georkestreerde liedjes ook een kiem van ongemak herkennen. En koesteren. Want het leven heeft nu eenmaal meer te bieden dan poedelen in de golven bij Californië.

De bittere pil werd door voorman Brian Wilson zorgvuldig verguld, maar tussen de regels door viel altijd iets van onlust te beluisteren – zelfs in klassiekers als Good Vibrations en Wouldn’t It Be Nice.

Nu The Beach Boys twintig jaar na hun laatste samenwerking weer samen een cd maakten is het de vraag welke kant van Wilson en zijn vrienden aan bod kwam: zoet of bitter. Allereerst is daar de titel die meteen weer Wilsons brille toont – we hebben het hier tenslotte over de man die de popmuziek verrijkte met regels als „I guess I just wasn’t made for these times” en „God only knows what I’d be without you”. De nieuwe cd heet That’s Why God Made The Radio, een eerbetoon aan zowel de transistor als aan de groep zelf. En terecht.

Het heerlijk luchtige titelnummer, met zijn lome orgelswing en uitgerekte drumstijl, laat horen waarom The Beach Boys na vijftig jaar nog altijd onovertroffen zijn: door Wilsons orkestraties en de gezongen harmonieën. Wilson voegde weer vele instrumenten samen tot weelderige symfonieën, zonder bombastisch te worden, en de vijf vocalisten zijn ouder maar nauwelijks minder soepel. Om beurten nemen hun stemmen het voortouw, zingen achtergrondkoortjes, versmelten, kwinkeleren en dansen als zonnestralen.

De stemming is opgewekt: Isn’t It Time klinkt traag maar swingend, er is het opgewekte Beaches In Mind, en in Spring Vacation blijken de bandleden zich nog altijd negentien te voelen: ‘Spring vacation/ good vibration/ some say it wouldn’t last/ all we can say/ still having a blast’.

Maar ook de andere kant, die van adders onder het gras en onheil op de loer, krijgt de ruimte. Waarom anders biedt de zanger zijn geliefde een vluchtplaats in Shelter? En het drieluik dat de cd afsluit, met als laatste het prachtige Summer’s Gone, laat weinig te raden over: de stemmen, ondersteund door mysterieuze harp, trompet en eenzame percussie, vertolken een gevoel van leegte. Ze zingen het groots, droevig en met berusting.

That’s Why God Made The Radio werd opgenomen in Los Angeles, in dezelfde stijl als The Beach Boys vroeger werkten: met Wilson als componist en dirigent die alle partijen uitdenkt. Zijn broers zijn overleden (playboy/ drummer Dennis Wilson in 1983, gitarist Carl Wilson in 1998), maar alle huidige leden zaten vroeger in The Beach Boys: neef Mike Love, gitarist Bruce Johnston, Al Jardine en David Marks.

Binnenkort gaan ze op Amerikaanse tournee. De joviale Mike Love neemt de rol van voorman op zich, wat voor Wilson een opluchting zal zijn. Wilson, die een lange geschiedenis van psychische problemen heeft overwonnen, kan zich terugtrekken achter zijn instrumenten en zich wijden aan het dirigeren van de specifieke Beach Boy-sound: pijnlijk vredig.

    • Hester Carvalho