Tienerdiscotheek

Kennissen vertelden somber over de wild populaire maandelijkse tieneravond van discotheek Brothers in Bunnik. Over een dochter van dertien – verontschuldigende zucht. Hoe ze daar naar binnen liep, in minirok op gympjes. Zucht, zucht. Jongens die ze niet eens kende zouden ongetwijfeld dansend hun kruis tegen haar achterste duwen: het beruchte ‘schuren’. Zucht, hoofdschudden. En bij het afhalen stond je als ouder om elf uur ’s avonds een uur in de file op de A12, want „alle” kinderen van twaalf tot vijftien uit de verre omgeving gingen.

Het leek Brothers geen goed idee dat ik eens kwam kijken. „Wij willen alleen nog positieve media”, was het antwoord. Toen ik twitterde dat zoiets ouders vást gerust zou stellen, belde prompt eigenaar Rob Peek. Ik mocht alsnog „ieder hoekje en gaatje” zien en zo ging het ook.

Ik zag 1.400 opgewonden kinderen in twee kolkende zalen. Ik zag iedere vliering van waaruit volwassenen hen ongemerkt in de gaten hielden. Geschuurd werd er niet veel. Meisjes maakten meedogenloos lucht van zo’n joch door ongeïnteresseerd met een vriendin te blijven kwekken. De ‘gastheren’ (‘uitsmijter’ is „te negatief”) zouden op ernstiger gevallen afstappen, zeiden ze. Maar die waren er niet.

De gastheren waren groot, breed en droegen oortjes en microfoons. Overdag werken ze bijvoorbeeld als docent strafrecht op het mbo. Brothers werd in dertien jaar tienerdisco strikter. Omdat álles strenger wordt en ouders meer opvoeding uitbesteden aan de discotheek. Vroeger leerde een vader zijn zoon zelf zijn eerste biertje drinken in het café. Nu heet je dan een slechte ouder, maar is het sociaal aanvaard om een twaalfjarige een hele avond onbegeleid in Brothers achter te laten.

Niet alleen alcohol en roken zijn er verboden. Iedereen moet bij binnenkomst zijn identiteitsbewijs laten zien, wordt gefouilleerd en wie zichtbaar thuis heeft gedronken, moet vertrekken. Jongens die ongewild aan meisjes zitten ook. Wie vecht, komt een jaar niet meer binnen.

Brothers, bang dat afgewezen kinderen gaan klieren op de A12, belt altijd de ouders. Maar die zijn „onbegrijpelijk vaak” niet bereikbaar. Omdat geen kind de discotheek zelf mag verlaten, komt dan de politie voor opvang.

Overal hangen camera’s. Dertig gastheren controleren alles. Verboden je voeten op een bankje te leggen. Verboden te dringen. Verboden ruzie te maken. Verboden onaardig te zijn tegen meisjes – een gastheer sprong op een jongetje voor ons af aan wie mij niets opviel en bracht hem in een vloeiende beweging naar de deur: „Zijn lichaamstaal beviel me niet, hij was onaardig tegen dat meisje daar.”

Toen ik dertien was draaide je een paar gekleurde lampen in de garage. Je legde ‘Hey Jude’ op de platenspeler en dan maar hopen. De tienerdisco heeft nu absoluut meer glamour. Maar met volwassen leren worden heeft het niets meer te maken.

    • Margriet Oostveen