Overspel? Nee, een stoornis in de baarmoeder

Kate Summerscale zocht in archieven uit hoe zwaar een buitenechtelijke relatie een Victoriaanse vrouw werd aangerekend. Mannen mochten alles.

1909 --- Fashion Paper Dolls: Bridal Trousseau --- Image by © Cynthia Hart Designer/CORBIS © Cynthia Hart Designer/CORBIS

Boekrecensent

Soms word je in films of romans zo getroffen door een bijfiguur dat je de hoofdpersonen even uit het oog verliest. Ook in non-fictie kan dat gebeuren, getuige het nieuwe boek van Kate Summerscale, Mrs Robinson’s Disgrace.

Summerscale brak in 2008 door met De vermoedens van Mr Whicher, waarin ze aan de hand van archiefstukken een geruchtmakende, onopgeloste moordzaak uit 19de-eeuws Engeland beschreef. In Mrs Robinson’s Disgrace staat een echtscheiding centraal; deze keer draait het niet om de vraag wie het heeft gedaan, maar wie de zaak gaat winnen.

In 1857 wordt in Engeland een wet aangenomen die het een stuk eenvoudiger maakt om te scheiden. Een van de eerste zaken die door het nieuwe Divorce Court wordt behandeld, is de zaak van Henry Robinson tegen zijn vrouw Isabella en de arts Edward Lane.

Henry beschuldigde Isabella ervan dat ze hem had bedrogen met dokter Lane. Dat deed hij niet zomaar: hij had het dagboek gelezen waarin Isabella haar ontrouw had vastgelegd. Maar meer over deze drie hoofdrolspelers later, want meteen in het tweede hoofdstuk presenteert Summerscale een fascinerende bijfiguur, George Drysdale, de zwager van dokter Lane.

Deze George wordt sinds hij het masturberen heeft ontdekt door zulke grote schuldgevoelens geplaagd dat hij tijdens een vakantie in Europa zijn zelfmoord in scène zet. Twee jaar later keert hij terug bij zijn familie. In de tussentijd heeft hij zich in Hongarije voor zijn ‘aandoening’ laten behandelen: hij heeft de zenuwuiteinden in zijn penis laten wegbranden door middel van een bijtende stof die met een dunne metalen staaf in de urinebuis werd ingebracht. ‘Hij onderwierp zich zeven of acht keer aan deze behandeling,’ schrijft Summerscale schijnbaar onaangedaan. Blijkbaar was het niet afdoende; de arme George ‘genas’ pas toen een Parijse arts hem jaren later aanraadde zelfbevrediging in te wisselen voor bordeelbezoek.

Al die aandacht voor zo’n bijfiguur zo vroeg in het boek leidt natuurlijk behoorlijk af, maar het pleit voor Summerscale dat ze George zoveel ruimte durft te geven. Je proeft het biografische plezier waarmee ze hem afstoft en presenteert. En ook al heeft George’s verhaal niets te maken met de echtscheidingszaak die in het boek centraal staat, het heeft wel degelijk een functie, omdat het iets zegt over de opvattingen die in die tijd gangbaar waren.

Terug naar de hoofdpersonen. Isabella Robinson heeft een ongelukkig huwelijk. In haar dagboek beschrijft ze haar echtgenoot, die met haar is getrouwd om haar geld, als ‘kleinzielig’ en ‘kortaangebonden’. Wanneer ze de ‘fascinerende’, jongere dokter Lane ontmoet, is ze verloren. Wat er tijdens haar bezoeken aan zijn kuuroord gebeurt, beschrijft ze niet al te expliciet, maar uit haar dagboekaantekeningen valt af te leiden dat ze minstens één keer met hem naar bed is gegaan. Wanneer haar man haar dagboek vindt en leest, vraagt hij meteen een echtscheiding aan.

De in de rechtbankarchieven bewaard gebleven dagboekfragmenten van Isabella stellen Summerscale in staat een levendig portret van deze vrouw te presenteren, vol tegenstrijdigheden. Isabella Robinson wordt gedreven door romantische dweepzucht en pathetiek, maar is tegelijkertijd vastberaden en vooruitstrevend, en in het bezit van een grote intellectuele belangstelling. Ze correspondeert met schrijvers en vooraanstaande intellectuelen, onder wie de bekende frenoloog George Combe.

Dit contact biedt Summerscale de gelegenheid nader in te gaan op de frenologie, de leer die ervan uitging dat er uit de schedelvorm allerlei karaktereigenschappen vielen te herleiden. Het was destijds volstrekt normaal om tijdens conversaties of briefwisselingen over de vorm van je schedel te beginnen wanneer je bepaalde eigenschappen wilde verklaren – zoals latere generaties jeugdtrauma’s dan wel genetische aanleg in de strijd zouden werpen.

En zo switcht Summerscale voortdurend heen en weer tussen het persoonlijke leven van Isabella Robinson en de 19de-eeuwse wereld die het decor vormt van haar belevenissen. Toch blijft haar boek een eenheid, omdat ze ondanks haar omwegen de hoofdzaak nooit uit het oog verliest. Voor lezers die bereid zijn haar te volgen en niet terugschrikken voor interessante uitweidingen is het een mooie en leerzame expeditie door het verre van statische Victoriaanse Engeland.

De nieuwe echtscheidingswet waar Isabella’s echtgenoot zich op beriep, bracht echtscheiding eindelijk binnen bereik van de hogere middenklasse, waartoe de Robinsons behoorden. Het aantal scheidingszaken nam spectaculair toe, wat er weer voor zorgde dat er een grote fascinatie voor overspel en echtscheiding ontstond. Opeens wankelde het heilige instituut van het huwelijk. Die onrust werd weerspiegeld in de kunsten. Ontrouw werd een populair onderwerp voor schilders en schrijvers. Het is verleidelijk om in Isabella Robinson een Engelse Madame Bovary te zien, maar Summerscale wijst ook op de paralellen tussen Isabella en Helen, de hoofdpersoon van The Tenant of Wildfell Hall van Anne Brontë.

Ook in die roman (1848) vindt een echtgenoot het dagboek van zijn vrouw, en ook daar heeft dat gevolgen voor het huwelijk. Ook in andere opzichten stuit Isabella op dezelfde problemen als Helen van Wildfell Hall. Al haar bezittingen, inclusief het dagboek, zijn in feite het bezit van haar echtgenoot. Zelf heeft ze niets. Daarom kon een scheiding rampzalig uitpakken voor een vrouw. Voor mannen en vrouwen gold sowieso niet dezelfde moraal: terwijl Isabella vanwege vermeend overspel wordt aangeklaagd, speelt het geen enkele rol dat haar echtgenoot twee kinderen heeft bij een andere vrouw.

De scheidingszaak loopt uit op een interessant steekspel. Volgens Isabella’s echtgenoot levert het dagboek voldoende bewijs voor overspel. De advocaten van Isabella beweren dat het dagboek verzonnen is, het product van een overspannen geest, lijdend aan ‘baarmoederlijke stoornissen’. Of Isabella ware gebeurtenissen beschreef, valt niet te achterhalen. Summerscale gaat ervan uit dat Isabella de waarheid heeft geschreven, verklaarde ze in een interview met het Britse blad The Bookseller. ‘Maar juist het feit dat er geen uiteindelijke conclusie valt te trekken, maakt het interessant.’ Daarover schreef ze een meeslepend boek.

En hoe liep het af met de onfortuinlijke George? Die werd een vooruitstrevend arts en schreef de geruchtmakende bestseller The Elements of Social Science, waarin hij een lans brak voor vrije liefde, geboortebeperking en een gezond seksleven; hij bleef er echter van overtuigd dat masturbatie schadelijk was.

Kate Summerscale: Mrs Robinson’s Disgrace. The Private Diary of A Victorian Lady. Bloomsbury, 303 blz. € 22,- In september verschijnt de vertaling, De geheime liefde van Mrs. Robinson, bij Nieuw Amsterdam.

    • Rob van Essen