Lilith: bloeiende theaterproeftuin

Lilith, Claron McFadden. 3/6 Bellevue A’dam. Tournee in september.

Innemend en navoelbaar is het. Dat je denkt: en nu weg van die gebaande paden. Bij zangeres Claron McFadden (50) leidden die paden al van barok tot jazz. Maar wie al breed was, ziet des te scherper de kansen van nóg breder worden.

Het door McFadden geïnitieerde Lilith is een vruchtbaar proeftuintje van al wat muziektheater is en zou kunnen worden. Dat klinkt pretentieus, maar de charme van deze korte latenightshow schuilt in de eenvoud. Lilith, eerste vrouw van Adam, werd tot een feministische oerheldin omdat ze weigerde zich aan Adam te onderwerpen. Hij wil haar, zij wil hem. Maar met mate en als elkaars gelijken. En dat mislukt natuurlijk.

McFadden maakt het hete verlangen én Liliths ontembare onafhankelijkheidsdrift zichtbaar in rauwe gebaren en oogopslagen. Op het witte doek (regie: Frans Weisz) dient de gegroefde karakterkop van Jeroen Willems haar, soms zingend, van repliek over al wat misging tussen hen.

Sterk is de scène waarin hij (op het doek) haar (live) neemt en zij (nee, niet onder!) grommend onder de lakens haar territorium probeert af te bakenen: een van vele geslaagde interacties tussen live spel en film.

McFadden gelooft dat de toekomst van muziektheater ligt in het multidisciplinaire. Met Lilith levert ze een sterk bewijs. De tekst van Carola Luther gaat niet overal voorbij aan clichés (‘We zijn als twee helften van één ster...’), maar de muziek van jazzpianist Dimitar Bodurov is sfeervol en evocatief. En zijn ontspannen improvisaties in barpianostijl als het publiek binnenkomt, zijn een verademing ten opzichte van de doorgaans wat formele concertetiquette.

    • Mischa Spel